Foto Solidair, Vinciane Convens

Betogers uit heel Europa: “Sociale dumping is voor niemand goed”

Onder de meer dan 50.000 betogers die vrijdagmorgen 4 april hun stem lieten horen tegen sociale dumping en tegen het besparingsbeleid, ook heel wat buitenlandse delegaties uit alle landen van de Europese Unie…

“We willen een sterk signaal geven dat het harde bezuinigingsbeleid in Europa moet worden stopgezet. Het Europees Parlement moet meer doen voor de belangen van de werkende bevolking”, steekt Gabriele van de Duitse vakbondsconfederatie DGB van wal.

Zij weet wie we daarvoor moeten aanspreken. “We moeten geld halen bij de rijksten, degenen die de crisis hebben veroorzaakt, om een investeringsfonds op te oprichten waarmee we in alle landen van Europa jobs kunnen creëren.”

Om de sociale dumping tegen te gaan, ziet ze heil in een minimumloon. “Daar vechten we in Duitsland al jaren voor, en we zijn er nu erg dichtbij. Voor ons is dat essentieel om de sociale dumping en de loondumping een halt toe te roepen. Wij vinden dat er in alle landen een wettelijk minimumloon moet komen. In sommige landen kan het misschien ook met collectieve arbeidsovereenkomsten, maar er moet in elk geval een ondergrens komen en betere afspraken over heel Europa.”

De huidige Duitse regering van sociaaldemocraten en christendemocraten wil geen belastingverhoging, maar de DGB lobbyt voor een belasting voor de rijksten om de nodige infrastructuurprogramma’s te financieren. “Volgens ons kunnen er op die manier in heel Europa 11 miljoen jobs gecreëerd worden”, aldus Gabriele.

“Arbeiders uitverkocht”

Ronald is een vakbondsmilitant van de Nederlandse vakbond FNV. Hij is vandaag in Brussel om “gezamenlijk met mensen uit de andere Europese landen te laten zien dat we het niet langer pikken”. Hij heeft het dan over de sociale dumping.

“Heel veel Nederlandse vrachtwagenchauffeurs krijgen concurrentie van chauffeurs uit landen waar de lonen lager liggen. Geen probleem dat die mensen bij ons werken, maar ze moeten toch het minimumloon krijgen. Door allerlei constructies komen de werkgevers daar onderuit. Daar strijden we tegen. Als zo’n minimumloon er komt, verdwijnt automatisch de concurrentie onder de werknemers. We zijn heel ontevreden over de manier waarop de crisis in Europa wordt aangepakt.”

Ronald komt ook even terug op de Nederlandse Partij van de Arbeid, de sociaaldemocraten in Nederland. “Die vind ik niet meer de partij waarvoor ze volgens haar naam zou moeten staan. De arbeiders worden op allerlei manieren uitverkocht opdat de PvdA zou kunnen meeregeren met de liberale VVD. Afgelopen week nog wist de PvdA weliswaar een wet die illegaliteit strafbaar maakte, af te wenden – onder zware druk van haar achterban –, maar in ruil komt er wel een belastingverlaging voor de hoogste inkomens… Zo zijn er tal van voorbeelden… Met de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen zagen we dan ook dat de sociaaldemocraten zowat de helft van hun stemmen verloren.”

“Onderkant krijgt het zwaar te verduren”

Steven, een stagiair bij de Nederlandse vakbond FNV, zegt het iets plastischer: “De sociaaldemocratie in Nederland is kut.” Ook hij is niet te spreken over de belastingverhoging voor de hoogste inkomens. Maar er is meer. “De arbeidsmarkt is verder geflexibiliseerd, de pensioenleeftijd is opgetrokken van 65 naar 67… En het is vooral de onderkant van de samenleving die het zwaar te verduren krijgt door de verhoging van de pensioenleeftijd. Plus: als je in Nederland je uitkering wilt behouden, dan moet je werken. In theorie gaat het dan om taken die niemand anders wil uitvoeren, maar op sommige vlakken zie je dat het om reguliere jobs gaat, die dan worden uitgevoerd worden door mensen in de bijstand.”

“Het is haast slavernij”

Een man staat rustig naar voorbijtrekkende betogers te kijken. Een zelf gerolde sigaret bungelt uit een mondhoek, een Deens vlaggetje steekt uit het borstzakje van zijn hemd. Een Deen, gokken we. En inderdaad. Robert, heet hij.

“Wij zijn tegen het beleid van de Europese Unie. Hoe ze geld geeft aan banken, terwijl wij jobs nodig hebben.” Ook hij merkt dat er veel buitenlandse werknemers in Denemarken aan de slag zijn. “Velen werken tegen erg lage lonen. Je kunt zelfs spreken van uitbuiting. Het is zo erg dat je haast van slavernij kunt spreken. Men overspoelt ons met goedkope arbeidskrachten uit het buitenland die de lonen naar beneden halen. Het is niet eerlijk, en ergens is er iemand die daar erg veel geld aan verdient.”

“Ook sociaaldemocraten staan voor liberaal beleid”

Even verder stappen we af op een groepje mensen uitgedost in fel oranje. Uit Litouwen, als ik de letters op hun hesjes goed kan ontcijferen. “Does anyone of you speak English?” vraag ik. Er wordt rondgekeken en van neen geschud. Maar even verderop, daar moet ik eens proberen.

Bij Ričardas Garuolis, verantwoordelijke bij Solidarumas, de tweede grootse vakbond van Litouwen. Hij vertelt dat de politieke partijen in zijn land nauwelijks van elkaar verschillen. “Alle partijen staan voor een liberaal beleid, van conservatieven tot sociaaldemocraten. Ze steunen Big Business en staan aan de kant van de grote bedrijven. En het economische beleid dat ze voeren is extreem liberaal. Het Litouwse volk lijdt, nochtans steeg het Litouwse bruto binnenlands product tot een paar jaar geleden nog jaarlijks met 7 tot 9%. Wij hebben het grootste emigratiepercentage van de hele Europese Unie. Het neoliberale beleid is het probleem.”

“Weet je dat het in Litouwen verboden is om te staken voor loonsverhoging?”, gaat Ričardas verder. “We zijn een Europees land, maar we beschikken niet over dergelijk instrument om onze levensomstandigheden te verbeteren. Daardoor is er veel emigratie.”

Is hij te vinden voor een Europees minimumloon? “We hopen dat dat er in de toekomst ooit zal komen. Als Litouwers in België komen werken, moeten ze hetzelfde loon krijgen als de Belgen. In Litouwen maken we hetzelfde mee, hoor. Bij ons worden soms tijdelijke werkkrachten uit Turkije binnengebracht die werken tegen een Turks loon. Daardoor prijzen ze Litouwse mensen uit de markt. Dat is voor niemand goed.”

“Geen uitbesteding, maar inbesteding”

Monica Helmond staat met zichtbaar plezier te kijken naar de grote, kleurrijke delegatie van FNV Bondgenoten, hoofdzakelijk uit de schoonmaaksector zo blijkt. Indrukwekkend. “De schoonmakers voeren momenteel actie voor een nieuwe cao. We vechten voor koopkracht en echte banen. We willen dat de wachtdagen worden afgeschaft. De schoonmakers moeten twee dagen loon inleveren als ze ziek zijn. Dat is absurd. Ziek zijn is geen straf. Vandaar dat wij hier ook meelopen.

We willen rond de tafel met de werkgevers, maar ze bieden ons helemaal niks. Geen loonsverhoging, geen afschaffing van de wachtdagen. We staken. Niet overal tegelijkertijd, maar heel doelgericht.”

Waar het schoonmaakpersoneel naartoe wil, is dat er straks helemaal geen schoonmaakbedrijven meer bestaan. We knipperen even met de ogen. “Inbesteding”, legt Monica uit. Inbesteding, zoals het tegenovergestelde van uitbesteding? “Ja. We hopen dat grote schoonmaakbedrijven straks niet meer nodig zijn en dat iedereen die schoonmaakt, effectief in dienst genomen wordt in het bedrijf waar ie werkt. Dat noemen wij inbesteding.”

“Dit is klassenstrijd”

Bernard Thibault is ex-algemeen secretaris van de grote Franse vakbond CGT. Een van de bekendste vakbondsleiders ooit in Frankrijk. “Ik ben hier om de Europese vakbonden te steunen”, zegt hij. “Het is prachtig dat hier zoveel vakbonden uit verschillende landen aanwezig zijn. Er zijn maar weinig organisaties die zoveel mensen op de been kunnen krijgen. In Frankrijk hebben de jongste gemeenteraadsverkiezingen aangetoond dat de regering (van de sociaaldemocratische PS, n.v.d.r.) afgestraft wordt voor haar rechtse beleid. Het Verantwoordelijkheidspact dat de regering en de werkgevers afsloten, is nog maar eens een bewijs dat het beleid de verkeerde richting uit gaat voor de werkende bevolking. Voor de banken werden miljarden vrijgemaakt, terwijl het aantal werklozen explodeert. Het is tijd om het over een andere boeg te gooien. Maar de herschikking in de regering van deze week wijst erop dat het neoliberale beleid nog zal worden voortgezet.”

Ook Bernard, een vakbondsverantwoordelijke van CGT Nord, is gekomen om zijn stem te laten horen. “Om te zeggen: minder besparingen en meer sociale maatregelen. Nu is het absoluut omgekeerd. Het Verantwoordelijkheidspact wil de loonkost aanpakken. Wij willen echter dat de kapitaalkost wordt aangepakt. Wij strijden, en ja, het is de klassenstrijd die we uitvechten.”