Checkpoint tussen Oost-Jeruzalem en Ramalah. “Deze weg leidt naar een ‘A-zone’ onder de Palestijnse Autoriteit. Toegang verboden voor Israëlische burgers, gevaarlijk voor uw leven en tegen de Israëlische wet.” (Foto Solidair, Marco Van Hees)

Dagboek van een PVDA-volksvertegenwoordiger in Palestina (deel 2)

Marco Van Hees, verkozen voor de PVDA in het federaal parlement, houdt ons op de hoogte vanuit Palestina. Hij neemt er deel aan een vijfdaagse missie georganiseerd door het CNCD (de Franstalige tegenhanger van 11.11.11). Hieronder volgt het tweede deel van zijn verslag.

Deel 1 - Deel 3 - Deel 4 - Deel 5 - Deel 6

Zaterdag 1 november 2014

Om ons een introductie te geven over de algemene situatie van de Israëlische kolonisatie konden we ons geen betere man treffen dan Michel Warschawski. Deze radicaal-linkse antizionistische militant, met een internationale reputatie, is medestichter en voorzitter van het Alternatief Informatiecentrum van Jeruzalem.

Voor hem was de Israëlische agressie tegen Gaza, hoe wreed deze slachtpartij ook was, niet bedoeld om Hamas te treffen, maar om een onmogelijke situatie te creëren voor Mahmoud Abbas, de voorzitter van de Palestijnse Autoriteit. Deze had de keuze: ofwel zich identificeren met Hamas en dan beticht worden van steun aan een “terroristische” organisatie, ofwel zich distanciëren en zijn legitimiteit bij het volk verliezen. In beide gevallen kon de Israëlische regering beweren geen gesprekspartner te hebben - noch Hamas, noch Abbas - en kon ze haar kolonisatiepolitiek verder zetten. Maar Israël werd verslagen. Zowel op operationeel vlak (Israël vroeg om een staakt-het-vuren) als op het niveau van de internationale gemeenschap. Het argument “wij hebben geen gesprekspartner” verviel.

De sleutel om dit beleid van Israël te begrijpen is de kolonisatie, legt Michel Warschawski uit. De vroegere premier Ariel Sharon formuleerde dit uitermate helder toen hij in 2003 verklaarde dat vrede voor de komende 50 jaar niet aan de orde is en dat Israël geen grenzen moet vastleggen. Volgens Sharon is de grens daar waar de laatste boom geplant wordt. Om een stuk grond te verkrijgen is geen tekst vandoen, het moet praktisch “geïsraëliseerd” worden, door een vlag te planten, een weg te bouwen, of een benzinestation, een bedrijf neer te zetten, ook al is dat niet in werking. Exact zoals in de westerns, verduidelijkt Warschawski, waar de trein samen met de kolonisten naar het Westen oprukte en de Indianen verdrong. Zo kan men het land vergelijken met een groot stuk emmentaler waar de kaas Israël is en Palestina de gaten. 

Vredesmilitant Warschawski geeft ons van dit kolonisatieproces bewijzen die we de dag zelf met eigen ogen zullen ontdekken. We rijden door de streek van Jeruzalem en hebben als gids Kareem Jubran, van de organisatie B’tselem. Wij zijn nu in Oost-Jeruzalem, wat normaliter de Palestijnse kant van de stad hoort te zijn, maar meer en meer onder controle geraakt en gekoloniseerd wordt door Israël. Vóór ons staat een deel van de enorme muur die “in naam van de veiligheid” door Israël gebouwd werd, veelal door Palestijnen bouwvakkers. Maar in naam van welke veiligheid? Aan weerszijde van de muur leven Palestijnen, vroegere buren.

Het werkelijke doel is Jerusalem af te scheiden van de Westelijke Jordaanoever om zo de ‘israëlisering’ van Oost-Jeruzalem - waar Israëliërs al bijna even talrijk zijn als de Palestijnen - te bewerkstelligen. Zo heeft een Palestijn die langer dan zes maanden buiten Oost-Jerusalem verblijft – bijvoorbeeld om op de Westelijke Jordaanoever te gaan werken – niet langer het recht om terug te keren. En als een Palestijn uit Jeruzalem met een Palestijnse trouwt die een paar kilometer verder woont, op de Westelijke Jordaanoever, heeft zij niet het recht om in Jeruzalem te komen wonen. Voorts heeft Israël een grote politiezone of zogenaamde nationale parken opgericht om de uitbreiding van de Palestijnse wijken tegen te gaan.

Honderd keer meer water

Wij komen nu in Maale Adumin, een Joodse kolonie die inmiddels uitgroeide tot een grote stad van 30.000 à 40.000 inwoners. Het contrast met de Palestijnse wijken is frappant. Moderne flatgebouwen staan in deze dorre omgeving te midden van verrassend fraai groen. Israëliërs hebben dan ook de controle over de meeste waterbronnen en Palestijnen moeten het blauwe goud kopen. Een vergelijking : 9.000 kolonisten gebruiken een derde van al het water dat door 2,5 miljoen Palestijnen verbruikt wordt. Zowat een verhouding van één op honderd. Om een Palestijns gebouw te herkennen moet je gewoon kijken of er een regenwatertank op het dak staat. 

Wij lopen verder door Mishor Adumin, een zeer uitgebreide industriële zone die verbonden is met de Maale Adumin kolonie. Onze aanwezigheid hier is geen toeval:  alle producten die hier gemaakt worden zijn juist het mikpunt van de campagne Made in Illegality, het bredere kader van onze missie. 

Wij stoppen in Jahlin, een gemeenschap van bedoeïenen in the middle of nowhere die leven in wat we met moeite sloppenwijken kunnen heten. Kinderen komen ons lachend tegemoet, een paar ezels staat er naar te kijken. Tegen alle verwachting in ontdekken wij een leuk schooltje, gefinancierd door verscheidene Europese landen. Een bord vermeldt dat de zonnepanelen door de Belgische Ontwikkelingssamenwerking geleverd werden...

Wij lopen verder en passeren een indrukwekkend check point om van Oost-Jerusalem naar Ramalah op de Westelijke Jordaanoever te gaan. Op het verkeersbord staat: “Deze weg leidt naar de A-zone, onder Palestijnse Autoriteit. Verboden toegang voor Israëlische burgers, levensgevaarlijk en in strijd met de Israëlische wetgeving.” Om in de steming te komen... Auto’s met gele (Israëlische) nummerplaten en bestuurd door Palestijnen passeren door het check point en rijden er samen met  auto’s met groene (Palestijnse) nummerplaten. Aan de kant van Jerusalem zul je geen auto’s met groene nummerplaat tegenkomen. Eén van de honderden tekenen van de alom heersende apartheid in dit land.

In Ramalah ontmoeten wij een verantwoordelijke van de diplomatieke dienst van de Palestijnse Autoriteit. “Mijn job is die van onderhndelaar, vertelt hij ons meteen. Maar als dat mijn enige taak zou zijn, dan zou ik de meeste tijd zonder werk zitten.” De man is verontwaardigd over de houding van landen als België: de Palestijnen erkenden Israël dat 78 % van het historisch gebied van Palestina beslaat. Maar waarom erkennen jullie Israël en niet Palestina? Eveneens in Ramalah hebben wij een afspraak met Mustapha Barghouti, stichter van Al Mubadara, een partij die tussen Fatah en Hamas wil staan. Met cijfers en foto’s  erbij beschrijft hij ons de dramatische toestand in Gaza na het Israëlisch offensief. Hij was zelf ter plekke. Hij projecteert ook een video die door twee cameramannen achter elkaar werd opgenomen, de eerste cameraman werd tijdens de opname gedood. Sommige leden van onze missie lopen de zaal uit, de beelden zijn ondraaglijk... Het Israëlisch offensief maakte 2.160 doden, hoofdzakelijk onder de burgerbevolking. Omgezet naar de schaal van de Verenigde Staten zou dat neerkomen op 400.000 doden. Voor hem is het duidelijk, men kan zoveel verklaringen ondertekenen als men wil, dat heeft geen zin. Het enige wat nut kan hebben is de erkenning van de Palestijnse Staat door de internationale gemeenschap én economische sancties tegen Israël.