Foto Solidair, Salim Hellalet

De echte agenda van de regering: de sociale beweging muilkorven

Een betreurenswaardig incident bij een wegblokkade door syndicalisten, wordt nu door de regeringspartijen als excuus gebruikt om af te rekenen met de vakbonden. Van “recht op werk” tot “omkadering van het stakingsrecht”, via minimumdienstverlening, rechtspersoonlijkheid voor vakbonden en de vakbondstaks, worden de elementaire democratische rechten ter discussie gesteld.

MR spreekt van "het recht op werk heiligen", Open Vld wil dan weer met duidelijke regels "het stakingsrecht omkaderen". De N-VA eist rechtspersoonlijkheid voor de vakbonden, die door Zuhal Demir, volksvertegenwoordiger voor die partij, worden omschreven als "een geüniformeerde privémilitie met een license to kill" … Een ongeziene zware beschuldiging.

Doof zijn en willen dat het geluid stopt

De regering trad iets meer dan een jaar geleden aan. Een van haar belangrijkste maatregelen was de verhoging van de pensioenleeftijd naar 67 jaar. Deze maatregel kwam nochtans in geen enkel verkiezingsprogramma van de regeringspartijen voor. Het is zelfs zo dat al die partijen voor de verkiezingen zworen dat ze niet zouden raken aan de pensioenleeftijd. Hetzelfde verhaal zien we bij een rits andere maatregelen, zoals de indexsprong of de btw-verhoging op elektriciteit.

Deze maatregelen en hun gebrek aan democratische legitimiteit, konden op heel wat verzet van de bevolking rekenen. Er waren twee van de grootste betogingen in de laatste dertig jaar, goed opgevolgde stakingen en burgerlijke initiatieven.

Tot nog toe bleef de regering echter doof voor de gedrevenheid van de bevolking. “De sociale bewegingen vragen zich af welk recht ze nog hebben om zich te verzetten tegen dit soort maatregelen, die in geen enkel verkiezingsprogramma stonden,  die niet het onderwerp uitmaakten van sociaal overleg, en tegenover een regering die doof blijft", zei Peter Mertens, voorzitter van de PVDA in de Zevende Dag op de VRT, tijdens een debat met volksvertegenwoordiger van Open Vld Egbert Lachaert.1

Het is zeer lang geleden dat we in ons land nog zo'n hoge graad van doofheid hebben meegemaakt. En het brengt de sociale beweging in een moeilijk debat. Hoe ervoor zorgen dat we gehoord worden? Hoe druk uitoefenen. Geen evident debat, zeker omdat de regering niet alleen doof is, ze wil eigenlijk het liefste dat het geluid ook stopt. Het laatste voorbeeld: Het opheffen van de stakingspiketten bij bpost, door boetes opgelegd door het gerecht – nooit eerder gebeurd bij de openbare diensten! Het postpersoneel voert nochtans strijd tegen loonsverlaging en privatisering. Het ergste is dat elk klein incident gebruikt wordt of gemanipuleerd wordt om te proberen het geluid van de straat in te perken.

"Ik ben voor het stakingsrecht, maar ... "  

Al onze ministers beweren dat ze "het stakingsrecht verdedigen, maar ...". Achter die "maar" schuilen een hele reeks beperkingen die er niet enkel het stakingsrecht willen inperken, maar ook de sociale actie en de vakbonden willen criminaliseren.

Enkel in bananenrepublieken wordt er door de regering beslist welke acties al dan niet mogen gevoerd worden en het op voorhand bepalen van strikte kaders voor acties, is hetzelfde als ze inperken. Dat geldt zeker niet enkel voor vakbonden, maar ook voor organisaties zoals Greenpeace of voor de vredesorganisaties. Greenpeace zetten spectaculaire verrassingsacties op, zelfs voor de ministerraad, om de milieukwesties op de agenda te zetten. De vredesorganisaties voeren acties van burgerlijke ongehoorzaamheid om de aanwezigheid van kernwapens op ons grondgebied aan te klagen. Ook dat kan dan allemaal niet meer.

Het debat over de beperkingen op stakingspiketten wordt ook gevoerd. In feite is het debat over het stakingsrecht nauw verbonden met het debat over de stakingspiketten. De werknemers organiseren zich vreedzaam aan de ingang van hun bedrijf om er in de mate van het mogelijke de toegang te blokkeren. De werknemers verliezen loon en de patroon verliest productiedagen. Er ontstaat een machtsverhouding.

Het stakingspiket dient om de werknemers die op een stakingsdag toch zouden willen gaan werken, te sensibiliseren, te overtuigen en te ontmoedigen. Dat maakt deel uit van de machtsverhouding. Die piketten zorgen ervoor dat uitzendkrachten of mensen met een tijdelijk contract bevrijd worden van de druk van hun patroon. Zonder piket zouden ze verplicht zijn te gaan werken, of ze worden ontslagen. Zonder piket heeft het stakingsrecht dus weinig zin.

De regering wil overigens ook blokkades van industriële zones verbieden. “Men verhindert degenen die willen werken naar het werk te gaan", zeggen de regeringspartijen. Indien men echter de blokkades verbiedt, verhindert men de werknemers van kmo’s die willen staken, maar geen syndicale vertegenwoordiging hebben, om het werk neer te leggen. In die kleine bedrijven is er zonder piket geen stakingsrecht. De patronale druk is er te groot.

Rechtspersoonlijkheid voor de vakbonden. En de politieke partijen?

Dat de vakbonden een sterke persoonlijkheid hebben, kan men niet ontkennen. Ze zijn niet door iedereen geliefd. De patroons en de regering hebben het er vaak moeilijk mee, maar zij willen de sterke persoonlijkheden in onze maatschappij dan ook het liefste muilkorven. En als ze zich niet willen laten temmen, willen ze hen dwingen, door hen rechtspersoonlijkheid te geven.

Rechtspersoonlijkheid voor de vakbonden zou betekenen dat ze vervolgd kunnen worden, schadevergoeding moeten betalen, boetes kunnen krijgen … “Elk moet verantwoordelijk zijn”, volgens de regering. "Voor de politieke partijen bestaat die rechtspersoonlijkheid ook niet. Als men dat zou invoeren, zou de hele partij veroordeeld worden als rechtspersoonlijkheid, telkens er iemand sjoemelt met publiek geld als mandataris van een politieke partij. Dan zouden er nog weinig partijen overblijven in ons land”, zegt Peter Mertens ironisch in de Zevende dag.

Inderdaad, rechtspersoonlijkheid hebben betekent dat een volledige partij relatief gemakkelijk failliet zou kunnen gaan, omdat sommige van haar leden de wet hebben overtreden. Toegepast op de vakbond, zou rechtspersoonlijkheid een middel zijn om snel de syndicale beweging te breken. "Een multinational met een leger advocaten zou de vakbond kunnen laten veroordelen tot een boete van miljoenen euro's, omdat hij vindt dat hij schade leed door een stakingsdag", vervolgde Peter Mertens bij het debat op de VRT en dat zou de facto het einde betekenen van de vakbonden en het einde van het stakingsrecht. Alleen al de dreiging van een proces, zou de vakbonden kunnen remmen in hun acties.

En wat als er geweld wordt gepleegd? De strafwet voorziet al heel wat wetten om allerlei inbreuken te bestraffen. Waarom moet daar dan rechtspersoonlijkheid aan toegevoegd worden? In werkelijkheid is er een andere bedoeling. Men wil eenvoudigweg de sociale actie inperken. Zo zou een vakbond die een manifestatie organiseert financieel verantwoordelijk kunnen worden gesteld voor elke daad tijdens de manifestatie begaan. Niemand zou nog een manifestatie durven organiseren. Hetzelfde probeert de Spaanse regering op te leggen met haar "muilkorfwet".

Liberaal volksvertegenwoordiger Egbert Lachaert riep de noodzaak in van de rechtspersoonlijkheid "zodat de grote structuur zich niet zou kunnen verschuilen achter de kleine militanten die veroordeeld worden." Hoe absurd dat een liberaal zich plots gaat voordoen als de beschermer van de "kleintjes" tegen  de "groten", terwijl zijn regering niet ophoudt de kleintjes aan te pakken om de zakken van de groten te vullen. Overigens laten de vakbonden hun leden niet vallen als ze vervolgd worden in het kader van collectieve acties.

Gegarandeerde dienstverlening of gegarandeerd geen dienstverlening meer

De regering heeft besloten 7.000 jobs te schrappen bij de NMBS, miljarden euro uit de budgetten te snijden, de prijs van het ticket fors te verhogen, het aanbod aan treinen te verminderen … Maatregelen die op verzet stuiten van de reizigers en van het spoorwegpersoneel. Bovenop de afbraak van onze spoorwegen, wil de regering nu ook dit verzet verhinderen.

De regering heeft de vakbonden van de NMBS gevraagd om voor het einde van het jaar een voorstel te maken voor "gegarandeerde dienstverlening". De "gegarandeerde dienstverlening" of "minimale dienstverlening" houdt in dat bij een aangekondigde staking, de werknemers toch naar het werk komen, om ondanks alles de dienst te verzekeren. De directie van de NMBS heeft al een paar eerste simulaties uitgewerkt. Resultaat? Een dergelijke minimale dienstverlening zou in sommige sectoren de aanwezigheid vereisen van quasi 100% van het personeel. Voor hen wordt het stakingsrecht dus tot niets herleid. 

Landen die een dergelijke minimumdienstverlening hebben, kennen op actiedagen steeds grote spanningen. In Frankrijk is er tijdens een staking veel zenuwachtigheid onder de reizigers om op een overvolle trein te geraken. De veiligheid komt in het gedrang en de wanorde heerst.

Wil de regering een einde stellen aan de stakingen bij de NMBS, moet ze de nodige investeringen doen om een toegankelijk openbaar vervoer te verzekeren, dat de mobiliteit, de bescherming van het milieu, de veiligheid van de reizigers en de werkomstandigheden van het spoorwegpersoneel garandeert. 

Een gegarandeerd stakingsrecht ... tot men het uitoefent

Wat er hier echt aan de hand is, is en regering die haar thatcheriaanse droom probeert waar te maken  van een maatschappij zonder syndicale tegenmacht en zonder sociale contestatie (genoemd naar de beruchte Margaret Thatcher, voormalig Brits Eerste Minister die in Groot Brittannië de vakbonden heeft gebroken).

Maar maatschappijen zonder sociale en syndicale tegenmacht zijn maatschappijen waar de ongelijkheid toeneemt en waar er geen sociale verworvenheden zijn. Zelfs het IMF maakt dat besluit in hun rapport. Niet een van de grote sociale verworvenheden in dit land (betaald verlof, recht op pensioen, op ziekteverzekering, 8-urendag ... ) werd bekomen zonder stakingsdagen. "Kun je mij, al was het er maar één, een voorbeeld geven van een sociale verworvenheid in ons land die zonder staking werd bekomen", vroeg Peter Mertens aan Egbert Lachaert. Daar wist hij niets op te antwoorden.

Het recht op sociale actie verdedigen en de syndicale vrijheden verdedigen zijn dus kwesties die ons allen aanbelangen. Het is onze toekomst, de toekomst van de maatschappij. Sommige acties van de sociale beweging kunnen misschien in vraag gesteld worden, maar er kan geen twijfel over bestaan dat de vooruitgang er komt door de versterking van de democratische en de syndicale rechten. Niet door ze af te breken.

Nu meer dan ooit moeten we het recht op collectieve actie verdedigen, terwijl de regering beslist over nieuwe antisociale hervormingen, zoals de btw-verhoging, de Turteltaks, de vermindering van de pensioenen …

De PVDA steunt alle initiatieven die de acties tegen de regering uitbreiden en verbreden. Wij zullen daarvoor doen wat we kunnen. Te beginnen met de Protestparade op 15 november.

1 Peter Mertens in debat met Egbert Lachaert tijdens De Zevende Dag