Januari 2006: havenarbeiders betogen in Straatsburg. (Foto Indymedia.be)

De PVDA over het statuut van de havenarbeider

Sinds het begin van haar bestaan heeft de PVDA altijd het statuut van de erkende havenarbeider, zoals dat sinds 1972 in de Wet Major verankerd is, verdedigd. De essentie van deze wet, die zegt dat in havengebieden enkel erkende havenarbeiders havenarbeid mogen verrichten, onderschrijven we nog altijd ten volle.  Voor de PVDA betekent deze wet een dam tegen de afbraak van degelijke arbeids- en loonvoorwaarden voor de dokwerkers en tegen ongebreidelde flexibiliteit.   

Iedereen die de haven een beetje kent, weet dat het statuut van de erkende havenarbeider altijd al voorwerp was van patronale aanvallen. De havenbaronnen hebben door de jaren heen getracht goedkopere en meer flexibele arbeidskrachten in te zetten: distributiearbeiders, magazijnarbeiders B, uitzendkrachten, … De dokwerkers hebben zich hier altijd tegen verzet. De PVDA heeft dat verzet altijd ondersteund. 

In 1999 trokken we samen met 100 dokwerkers naar de Raad van State om de invoering van een nieuw soort erkende  havenarbeider, die van het aanvullend contingent, tegen te gaan. De Raad van State gaf de dokwerkers gelijk, maar jammer genoeg werd een jaar later het logistiek contingent ingevoerd. De logistieke en erkende havenarbeiders verdienen tot 30% minder dan de klassieke havenarbeider en kunnen veel flexibeler worden ingezet.   

De ervaring heeft uitgewezen dat dit contingent zeer snel groeit en dat veel havenarbeid die door klassieke dokwerkers werd verricht nu door logistiekers wordt gedaan. De PVDA vindt dat op termijn de twee categorieën van havenarbeiders opnieuw naar elkaar toe moeten groeien door de opwaardering van de loon- en arbeidsvoorwaarden van de logistieke havenarbeiders, niet door de afbraak van de sociale rechten van de klassieke havenarbeiders. Dit zou al een deel van de sociale concurrentie uitschakelen..      

De aanvallen op het statuut die sedert 2002 vanuit Europa worden gelanceerd, hebben allemaal dezelfde doelstelling: havenarbeid goedkoper en flexibeler maken. De dokwerkers hebben deze aanvallen samen met hun vakbonden al twee keer op een schitterende wijze afgeslagen. De Port Packages moesten telkens worden ingetrokken. In de strijdbeweging hierrond was de PVDA prominent aanwezig.  

Een derde grote aanval werd ingezet in 2013, getrokken door Europarlementslid Philippe De Backer (Open VLD) - een “waardig” opvolger van Dirk Sterckx, groot promotor van de twee vorige Port Packages - en Fernand Huts van Katoennatie. Maar veel andere havenpatroons hopen mee te profiteren van het werk van deze heren.  

Het is met name langs de weg van de inbreukprocedures dat men hoopt het statuut van de erkende havenarbeider onderuit te kunnen halen.  Dat in de havens verplicht beroep zou moeten worden gedaan op erkende havenarbeiders, zou niet sporen met het vrij verkeer van werknemers en diensten. We herinneren eraan dat het Europees Hof van Justitie in 1999 hierover al eens geoordeeld heeft en toen geen graten zag in het Belgische systeem.

Formeel worden de aanvallen niet gericht op de Wet Major maar op de uitvoeringsbesluiten ervan en de codex. Maar het doel is wel duidelijk: het dokwerkersstatuut moet kapot.    

Zo wordt in Koninklijke Besluiten van 1973 en 1974 bepaald wat onder havenarbeid moet worden verstaan en worden de verschillende havengebieden in ons land afgelijnd. De havenbaronnen, Huts op kop, klagen dat die aflijning niet meer van deze tijd is. Ze argumenteren dat ook BPOST en Metropolis in het havengebied van Antwerpen gelegen zijn, en die moeten niet met erkende havenarbeiders werken. Huts vergeet er wel bij te zeggen dat daar, volgens de definities gegeven in de uitvoeringsbesluiten, helemaal geen havenarbeid wordt verricht. 

Ook in 1973 waren er in de haven al bedrijven en ondernemingen gevestigd waar helemaal geen havenarbeid werd verricht. Dat heeft nooit een probleem gegeven. Bedrijven die zich in de haven willen vestigen, weten dat ze daarvoor een faire prijs voor de arbeid moeten betalen. Als ze dat niet wensen te doen, moeten ze er maar wegblijven.

In de codex zijn dan weer de regels opgenomen voor de praktische uitvoering van de havenarbeid, zoals onder andere de samenstelling en de sterkte van de ploegen. Deze regels zijn meestal ingegeven door de zorg om veilig te kunnen werken, en daar kan dus niet over gemarchandeerd worden. Havenarbeider is en blijft immers een van de gevaarlijkste beroepen in ons land.

In het regeerakkoord van de regering Di Rupo werd de volgende zin opgenomen: “Het stelsel van de havenarbeid zal in overleg met de betrokken partijen - de werkgevers- en vakbondsorganisaties, de sociale bemiddelaars en de havenautoriteiten - worden aangepast teneinde het te moderniseren.” De gesprekken hierover, onder leiding van Minister voor Werk Monica De Coninck,  zijn volop aan de gang.  

De PVDA is altijd wantrouwig als men het heeft over de modernisering van arbeidsorganisatie. In 99% van de gevallen gaat het over de afbraak ervan. Het erkend statuut zoals dat nu nog bestaat, is eigenlijk een modern statuut dat havenarbeiders een degelijk loon biedt en bescherming bij werkloosheid. Binnen de arbeidsorganisatie is er al voldoende flexibiliteit ingebouwd om de wisselende situaties in de haven te kunnen opvangen.  Meer flexibiliteit is zeker niet nodig. 

De PVDA huilt dan ook zeker niet mee met de wolven die voortdurend beweren dat de concurrentiepositie van de havens door de dure en weinig flexibele dokwerker wordt ondergraven en dat we daardoor allerlei investeringen mislopen. Harde bewijzen voor de bewering dat onze havens door  de dure havenarbeid achteruit zouden boeren, werden tot op heden trouwens niet geleverd. Het is mensen zoals Huts uiteraard enkel om de verhoging van de winst te doen, niets anders. 

De PVDA vertrekt van een andere logica, die van de mensen. Om die reden zijn we in de eerste plaats bezorgd om de concurrentiepositie van de havenarbeiders, die zoals voorheen op onze onvoorwaardelijke steun kunnen blijven rekenen.

Enrico De Simone, 25 februari 2014

Commentaar toevoegen