Foto Epictura

Dierenwelzijn ja, maar laten we niet stigmatiseren: winsthonger vleesindustrie echte oorzaak van dierenleed

Het Vlaams Parlement keurde op 28 juni 2017 een decreet goed dat de uitzondering op verdoofd slachten om religieuze reden schrapt. Het decreet was ingediend door politici van N-VA, CD&V, Open Vld, sp.a en Groen. Verdoving via elektronarcose wordt vanaf 2019 verplicht voor schapen en kleine herkauwers. Vlaams minister Ben Weyts (N-VA) verklaarde in het Vlaams Parlement dat met dit decreet “Vlaanderen resoluut voor dierenwelzijn kiest”, en dat “Vlaanderen in Europa het voortouw wil nemen op het vlak van dierenwelzijn”. Is dat wel zo?

Dierenwelzijn – Een belangrijk debat

Wordt het Vlaamse Gewest met dit decreet de koploper voor dierenwelzijn in Europa? Niets is minder waar. De vleesindustrie in België verhandelt elk jaar meer dan 319 miljoen dieren. Het najagen van maximale winst in deze sector leidt tot erbarmelijke toestanden voor de dieren. Denk maar aan legbatterijen van kippen, de wijze waarop dieren in overvolle kooien dienen te overleven, het vervoer in miserabele omstandigheden. Een goede maand geleden brandde in Kasterlee in kippenmestbedrijf uit: 75.000 kuikens die daar plots niet meer konden gehuisvest worden, werden dan maar vergast. Of welke behandeling krijgen koeien in een melkbedrijf van 2.000 koeien? 
Natuurlijk zijn de beelden van slachthuizen huiveringwekkend: dieren worden aan de poten omhooggetrokken alvorens ze te slachten. Als ze al niet kreupel zijn geslagen om ze in het slachthuis te krijgen. Maar ook in de rest van hun korte leven is er niet veel vreugde te rapen: dikwijls geen zonlicht, geen ruimte voor natuurlijk gedrag, moederdieren die bruusk van hun jongeren verwijderd worden, enzovoort. In de industrie is het dier louter een “product” waaruit zoveel mogelijk winst gehaald moet worden. Iedere vorm van emotie, pijn, lijden … wordt genegeerd. De huidige wetgeving op het dierenwelzijn wordt heel vaak nog met voeten getreden. Herinner je de wantoestanden in de slachterij van Tielt die in maart aan het licht kwamen of de undercoverbeelden van dierenrechtenorganisatie Animal Rights waar te zien was hoe kuikens werden afgemaakt.
De meeste boeren dragen zorg voor hun dieren, maar de winsthonger van de agrobusiness en de grootdistributie maakt de winstmarges voor de boeren steeds kleiner en dwingt hen de productiviteit in de veefokkerij op te drijven. Daardoor krijg je omstandigheden die een ramp zijn voor het dierenwelzijn. Het decreet dat het Vlaams Parlement heeft goedgekeurd, wijzigt niets aan deze toestanden.
De verontwaardiging en de bezorgdheid voor het dierenleed bij steeds meer mensen is een goede zaak. Steeds meer mensen hebben aandacht voor het dierenwelzijn, zowel niet-gelovigen als gelovigen, joden en moslims. Het verruimt de discussie over wat mag en niet mag, over gezond voedsel en ook over verantwoorde kweek- en slachtomstandigheden.

Naleven van bestaande wetgeving

Als we het echt menen met dierenwelzijn, moeten we gaan voor een strenge interpretatie van de wet op het dierenwelzijn. Het wettelijk verbod een dier zonder noodzaak te verminken, te verwonden of te doen lijden, moet strikt toegepast worden. Dat vereist strenge en intensieve controles en sancties die écht iets uithalen. Dierenwelzijn, werkomstandigheden en volksgezondheid: dat moet op de eerste plaats komen, niet de winstzucht van aandeelhouders. Dat is niet alleen in het belang van het dier maar ook in belang van de volksgezondheid. Hoe beter de dieren verzorgd worden, hoe beter de kwaliteit van vlees, melk en eieren. Dat alles is ook verbonden met het debat over de nood aan meer natuurlijke en ecologische landbouwmethodes waarbij koeien bijvoorbeeld nog vrij kunnen grazen.

De kwestie van het slachten

En dan is er natuurlijk ook de kwestie van het slachten. De discussie gaat vandaag vooral over hoe we het dier zo weinig mogelijk laten lijden. En in die discussie is er dus de kwestie van het verdoven vóór het slachten. Dat is een relatief recent debat, ook in België. Iedereen die op de boerenbuiten is opgegroeid, weet dat daar nog niet zo lang geleden overal zonder verdoving geslacht werd. Pas in 1986 kwam het tot de wet op het dierenwelzijn die een eind maakte aan dat onverdoofd slachten. Sindsdien is verdoving voor het slachten wettelijk verplicht. De wet maakte wel een uitzondering voor het slachten om religieuze en rituele gebruiken. Dan bleef onverdoofd slachten nog altijd toegelaten. 
Sindsdien flakkert de discussie om die uitzondering te schrappen regelmatig op. Bij de hele bevolking, ook in de joodse- en de moslimgemeenschap, wat Ben Weyts ook mag insinueren. Maar gewoonten, religieuze gebruiken en tradities veranderen en aanpassen aan de tijdsgeest, vereist een draagvlak in de betrokken gemeenschappen. En zo’n draagvlak creëren vraagt tijd.

Geen stigmatisering alsjeblief

Bij de vleesindustrie staan grote economische belangen op het spel die veel dierenleed veroorzaken. Maar over die economische belangen zwijgt het decreet van het Vlaams Parlement in alle talen. In plaats van zich te concentreren op het aanpakken van de wantoestanden in de industriële veehouderij en slachterijen, focust het op het onverdoofd slachten van schapen. Slechts een minieme fractie van de in totaal 319 miljoen elk jaar geslachte dieren wordt vandaag onverdoofd geslacht om religieuze redenen. Het decreet richt zich op praktijken die joden en moslims raken in hun religieuze beleving. En dit, terwijl zoveel andere vormen van dierenleed helemaal geen prioriteit krijgen. Dat wekt minstens de indruk dat het decreet andere zaken nastreeft dan de zorg voor dierenwelzijn, namelijk het stigmatiseren van joden en moslims. Dat vond ook Knack-redacteur Walter Pauli al in 2015, toen minister Weyts de tijdelijke slachtvloeren bij het Offerfeest verbood: “Dat sommige nieuwe verboden vooral moslims treffen is allicht geen toeval”. Dit decreet is niet onschuldig wanneer je het situeert in het hedendaags klimaat dat steeds meer racistische trekjes krijgt. Denk maar aan de commotie, met een aardig islamofoob tintje, over het absurde verhaal van de Luikse perensiroop, waarvoor de producent het aandurfde om een halalcertificaat aan te vragen (en ook heeft gekregen). Dit decreet verspreidt de boodschap dat joodse en moslim tradities niet thuishoren in ons land.

Decreet in strijd met Europese wetgeving

Het nieuwe decreet is niet conform de Europese regelgeving. De Europese richtlijn 93/119/EG en de Europese verordening 1099/2009 maken expliciet een uitzondering voor onverdoofd slachten in het kader van culturele en religieuze feesten. Dierenwelzijn kan en mag geen voorwendsel zijn om een hele gemeenschap te stigmatiseren. Het decreet geeft dus aan Vlamingen met een joodse of moslimovertuiging minder rechten dan elders in de Europese unie.

Zo goed als geen overleg

In maart 2017 was al duidelijk dat de joodse gemeenschap en de Moslimexecutieve het verbod op onverdoofd slachten afwijzen. Van een echte dialoog was er geen sprake geweest. Ook nadien bleef het gesprek met de vertegenwoordigers van beide gemeenschappen eenrichtingsverkeer. Zonder echte dialoog is een duurzame oplossing voor het onverdoofd slachten onmogelijk. Toch deden N-VA, CD&V, Open Vld, sp.a en Groen gewoon verder en stemden ze op 28 juni unaniem voor het decreet. Enkel sp.a-parlementslid Güler Turan onthield zich.

Voor echte dialoog en praktische oplossingen

De PVDA komt op voor de strikte naleving van de huidige wet op het dierenwelzijn. De enige uitzondering op verdoofd slachten is het onverdoofd slachten om religieuze redenen. In elk andere situatie moet verdoofd geslacht worden. In nog te veel slachthuizen worden vandaag nog steeds massaal dieren onverdoofd geslacht of vergast, ondanks de wetgeving. Dit vereist strenge en intensieve controles om de huidige wetgeving te doen naleven. Een wijziging van de wet op het dierenwelzijn, in de zin van het toevoegen van zware sancties bij inbreuken, is nodig om een eind te maken aan de herhaaldelijke wantoestanden in de vleesindustrie en paal en perk stellen aan de winsthonger van de aandeelhouders in de agro-industrie. Verder is er een globaler debat nodig over de overgang naar meer ecologische landbouwmethodes. De Europese richtlijnen staan vandaag nog steeds een uitzondering toe op verdoofd slachten om religieuze redenen. De uitzondering opheffen in België creëert discriminatie: mensen met een joodse of moslimovertuiging moeten in heel de Europese Unie kunnen genieten van dezelfde rechten. Over het onverdoofd slachten om religieuze reden moet een echte dialoog opgezet worden met de betrokken gemeenschappen. Geen eenrichtingsverkeer. Gewoonten, religieuze gebruiken en tradities veranderen en aanpassen aan de tijdsgeest en de technisch evolutie, vereist tijd en dialoog. Intussen decreten goedkeuren die de betrokken gemeenschappen stigmatiseren, is contraproductief, tegengesteld aan de dialoog en beoogt alleen de confrontatie. Bovendien lost het niets op. Het koosjer- en halalvlees zal gewoon uit het buitenland geïmporteerd worden en het enigste dat het decreet bereikt is de vernietiging van jobs in de agro-industrie tot gevolg.