Foto Solidair, Sophie Lerouge

Er staat een paard in de gang

Het verzet tegen het TTIP neemt toe. Plots willen verschillende Europese leiders de onderhandelingen over dit vrijhandelsverdrag tussen de EU en de Verenigde Staten uitstellen. Maar laat dat geen alibi zijn om het CETA, dat andere vrijhandelsverdrag, tussen de EU en Canada, te laten passeren en zo het pad voor het TTIP te effenen.

In het begin van de onderhandelingen in 2009 en 2013 sprak bijna niemand over CETA of TTIP. Drie jaar, meer dan drie miljoen handtekeningen en tientallen betogingen later, zit het Europese establishment met de handen in het haar over beide verdragen. In België betoogden op 20 september 15.000 mensen, in Duitsland waren het er op 17 september meer dan 300.000 die protesteerden tegen deze akkoorden op maat van de multinationals.

In reactie op de groeiende impopulariteit van de verdragen – slechts dertien procent van de Belgen steunt het TTIP – pleiten verschillende Europese leiders er vandaag plots voor de onderhandelingen uit te stellen of zelfs stop te zetten. Daar hebben de nakende verkiezingen in de VS, Duitsland en Frankrijk iets mee te maken. Maar mogelijk schuilt er ook een andere agenda achter: het CETA, het vrijhandelsakkoord waarover de EU en Canada onderhandelen, snel doen goedkeuren.

Wat is het CETA?

De tekst van het CETA telt 1.600 pagina’s en is, in tegenstelling tot die van het TTIP, definitief. De twee verdragen voorzien in de afschaffing van de douanetarieven tussen de onderhandelende partners, maar ook en vooral in een reeks mechanismen om “de niet-tarifaire handelsobstakels” af te schaffen. Zo worden in feite alle sociale, milieu- en gezondheidsregels genoemd die een obstakel vormen in de wedloop naar winst van de multinationals. Overheidssectoren en –markten zoals het onderwijs of de gezondheidszorg zouden voor concurrentie worden opengesteld en gezondheidsregels afgebouwd. Zo zou rundsvlees met hormonen binnenkort ook in Europa mogen worden verkocht. Of zou ultravervuilende fossiele energie uit teerzand, op grote schaal ontgonnen in Canada, ingevoerd mogen worden.

Het CETA organiseert ook de fameuze private rechtbanken die multinationals toelaten landen te vervolgen wanneer ze wetten invoeren die het maken van maximale winst in de weg staan. Zo heeft de energiemultinational Vattenfall de Duitse staat al vervolgd en 4,7 miljard euro geëist nadat het land beslist had uit de kernenergie te stappen. Andere landen kregen een proces van de tabaksreuzen aan hun been vanwege preventieve wetgeving tegen roken.

Paard van Troje

De voorstanders gebruiken de goedkeuring van het CETA om de rol van paard van Troje te kunnen spelen voor het TTIP. Het CETA zou niet alleen een precedent creëren, maar heel wat bepalingen van het TTIP al in praktijk brengen. 81 procent van de Amerikaanse bedrijven die actief zijn op Europese bodem, hebben namelijk dochterondernemingen in Canada. Zij zullen dus bijvoorbeeld de private rechtbanken kunnen gebruiken om Europese staten aan te pakken.

De ondertekening van het CETA door de staatshoofden en regeringsleiders is gepland op de EU-Canada-top van 27 en 28 oktober. De stemming in het Europees Parlement zou plaatsvinden in december. Begin 2017 zou het CETA dan voorlopig van toepassing kunnen worden, in afwachting van de ratificatie door de nationale parlementen. Het is dus niet het moment om het verzet te laten rusten.

Dit artikel komt uit het maandblad Solidair van oktober 2016Abonnement.