Linkse Europarlementsleden hekelen hypocrisie rond Europese Sociale Pijler

De Europese Commissie stelde onlangs haar eerste initiatieven voor rond een Europese Sociale Pijler, een oude belofte van commissievoorzitter Jean-Claude Juncker. Hij wil de Europese Unie een sociaal gelaat geven, zegt hij. Gelijke kansen, toegang tot de arbeidsmarkt, waardig werk en sociale bescherming moeten deel uitmaken van het Europees beleid. Mooie woorden natuurlijk, maar wat is er echt van aan? Europarlementsleden van Verenigd Links, de fractie waar ook de PVDA deel van uitmaakt, maakten een eerste analyse van het voorstel.

Vrome woorden

De Duitse Gabi Zimmer noemt het voorstel een “echte teleurstelling.” Er komt helemaal geen “echte pijler van Sociale Rechten, die voorrang krijgt op de noden van de markt.” In de plaats daarvan komen er enkel wat vrome principes zonder kracht van wet. Spreken over sociale rechten, maar wel een hard concurrentie- en besparingsbeleid blijven opleggen is natuurlijk hypocriet.

Ook de Deense Rina Ronja Kari benadrukt dat we het sociaal beleid niet los kunnen zien van het Europese besparingsbeleid. Dat speelt immers een cruciale rol in de sluipende afbraak van de sociale rechten in de Europese Unie: “We moeten weg van het besparingsbeleid en zorgen dat er een budget is voor een sociaal beleid en voor de strijd tegen werkloosheid. Lidstaten moeten mogen investeren in welzijn en sociale zekerheid.”

Een sociale pijler voor sociale achteruitgang?

João Pimenta van de Portugese communistische partij vreest zelfs dat het voorstel van de Europese Commissie de rechten van werknemers, inzake bijvoorbeeld ouderschapsrechten, verder kan ondergraven: “De Commissie heeft de voorstellen van het Parlement rond langer verlof en betaald verlof zonder inkomensverlies, volledig genegeerd. Zo versterkt ze de sociale ongelijkheid en de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen.”

De Griekse Kostadinka Kuneva ziet in haar eigen land de gevolgen van het Europese besparingsbeleid maar al te goed. Ook zij is bijzonder scherp. Ze spreekt over witwas-voorstellen, die enkel dienen om de Europese Commissie een beetje een sociaal gelaat te geven, zonder de situatie van de mensen echt te verbeteren.

Wat dan wel?

Had het anders gekund? Natuurlijk. Onder druk en dankzij de input van vakbonden en van Verenigd Links werden er in het Parlement al enkele initiatieven in de goede richting besproken. Zo had de Commissie de nul-urencontracten kunnen aanpakken. Ook de garantie op een waardig minimumloon, gratis onderwijs, gratis kinderzorg, waardige huisvesting en voeding, kunnen punten zijn van een echt sociaal programma.

De Commissie negeerde de voorstellen van het Europees Parlement totaal. Nochtans gingen die helemaal niet zo ver. João Pimenta merkte op dat niet alleen rechts maar ook de sociaaldemocraten in het Parlement verhinderden dat vele fundamentele principes erdoor kwamen. Volgens hem gaat het onder meer over de 8-urenwerkdag, gelijk loon voor gelijk werk, geen precaire jobs meer, een erkenning van de rol van vakbonden, echte loonsverhogingen, een eerlijke verdeling van de rijkdom of een verdediging van een openbare sociale zekerheid.

Rond de 120 miljoen Europeanen leven in armoede. Miljoenen werken in precaire jobs, met lage lonen. Daar kan alleen echt verandering in komen als de dogma’s van de Europese verdragen op de schop gaan. Het principe moet zijn dat Europese samenwerking alleen dient om meer sociale rechten toe te kennen. Concurrentie en markt moeten ondergeschikt worden aan sociale rechten. Het is ondertussen duidelijk dat de Europese Commissie noch de traditionele partijen zo’n programma ooit zullen steunen in het Parlement. Geen witwaspraktijk die daar wat aan zal veranderen.