Foto Solidair, Salim Hellalet

Monika Triest: “Feminisme ís sociale strijd”

Aan de vooravond van de Internationale Vrouwendag op 8 maart publiceerde Monika Triest het boek “Wat zoudt gij zonder ‘t vrouwvolk zijn”. Daarin geeft ze een historisch overzicht van vooraanstaande Belgische feministes. Een werk over maatschappijverandering, over verzet dat verbindt en vele feminismes.

Waarom kroop u in de pen?

Monika Triest (°1941) promoveerde in de klassieke filologie. In de jaren 1980 bekleedde ze de eerste leerstoel vrouwenstudies aan de Universiteit van Amsterdam en was ze voorzitster van het Vrouwen Overleg Komitee.

Monika Triest. Onlangs sprak ik met twee jonge, pas afgestudeerde vrouwen over feminisme. Ze waren compleet verrast toen ik opmerkte dat vrouwen nog niet zo lang geleden niet mochten stemmen en de toestemming van hun echtgenoot nodig hadden om een eigen bankrekening te openen. De geschiedenis van het feminisme komt niet aan bod in de klassieke schoolboeken. In het boek geef ik een overzicht van een aantal vrouwen die hun stempel hebben gedrukt op ons maatschappelijk systeem. Vrouwen zonder wie ons sociaal systeem er heel anders zou uitzien.

Vrouwen staan dus vaak vooraan in de strijd?

Monika Triest. Heel wat stakingen en verzetsacties in de geschiedenis zijn gestart door vrouwen. Wanneer er geen brood op tafel komt, trekken ze de straat op. Ook vrede bracht en brengt hen op de been. In 1915 kwamen vrouwen uit verschillende landen en van verschillende politieke strekkingen bij elkaar in Den Haag met een eisenpakket voor vrede.

Vrouwen hebben de reputatie conservatief en niet arbeidersgezind te zijn of zelfs een tegenkracht in de staking. Dat is niet zo. Bij de staking van FN Herstal in 1966 hebben zij de mannen moeten overtuigen om te blijven staken. Dat was niet makkelijk, want vaak werkten ze met twee in de fabriek. Soms kregen ze zelfs dreigbrieven. De directie speelde hierop in en schreef brieven naar de mannen met de vraag om de werkplaatsen van de vrouwen in te nemen. Dat weigerden ze. De directie zette de vrouwen ook onder druk door te zeggen dat ze alles kapot maakten en dat hun eisen onbetaalbaar waren. Maar ze zetten door.

Vrouwen hebben altijd een belangrijke rol gespeeld in de sociale strijd. Vaak worden ze afgebeeld terwijl ze soep uitdelen aan de stakersposten. Dat is potverdorie ook belangrijk, dat is hetzelfde als daar met een vlag staan.

Drie thema’s komen steeds terug: recht op werk, recht op abortus, geweld op vrouwen.

Monika Triest. Het recht op abortus is nog steeds niet volledig verworven. Nog altijd hebben vrouwen met middelen meer recht op abortus dan vrouwen zonder financiële middelen. Wie buiten de wettelijke termijn van twaalf weken terechtkomt, moet kiezen tussen het kindje houden of naar het buitenland gaan.
Wat het recht op werk betreft, vormen vooral de flexi-jobs nu het grote gevaar. Veel vrouwen denken helaas dat ze met dit soort jobs hun huishouden beter kunnen organiseren. Het omgekeerde zal echter waar zijn. De gevolgen voor de pensioenen en de sociale zekerheid van vrouwen zijn groot. Ik heb heel mijn leven gestreden tegen deeltijds werk omdat ik de gevolgen ken. In Nederland werkt de meerderheid van de vrouwen deeltijds. Dat is rampzalig. Flexi-jobs zijn nog erger dan deeltijdse banen.

Opvallend is wel dat gezinsplanning in de 19de eeuw al een thema was, terwijl geweld op vrouwen dat niet was.

Monika Triest. Van effectieve voorbehoedsmiddelen was toen nog geen sprake. De eerste feministes zagen dat arbeidsters hun lichaam kapot werkten. Dat had een invloed op het moederschap en de gezondheid van hun kinderen. Daarnaast stierven heel wat vrouwen in het kraambed of bij een illegale abortus onder slechte omstandigheden. Vrouwenrechtenactiviste Emilie Claeys maakte clandestien brochures met informatie over geboortebeperking en zelfs met adressen van artsen en vroedvrouwen die bereid waren om over te gaan tot een zwangerschapsonderbreking.

De eerste feministes maakten een punt van het moederschap. Het gezin was voor hen een belangrijke instelling die niet uit elkaar mocht vallen, ook al was er geweld in aanwezig. De hoofdfocus lag op een gezond gezinsleven waarin kinderen konden opgroeien. In het verlengde daarvan liggen ook de beschermende wetten met betrekking tot vrouwenarbeid. Als vrouwen dan toch verplicht zijn om te gaan werken, moeten de omstandigheden waarin ze werken beter zijn. Gezinsplanning is in die zin een issue, want te grote gezinnen verhinderen een gezond gezinsleven.

Emilie Claeys vond dat die beschermende wetgeving ook voor mannen moet gelden.

Monika Triest. Als je de beschermende wetgeving enkel toepast op vrouwen, dan werkt die discriminatie in de hand. Wat ongezond is voor vrouwen, is dat ook voor mannen.

Door die beschermende maatregelen zijn vrouwen uit heel wat beroepen uitgesloten. Vandaag zou je niet meer expliciet bepaalde jobs aan vrouwen kunnen verbieden. Maar er zijn wel parallellen te trekken bijvoorbeeld met deeltijds werk en flexi-jobs. Vooral vrouwen hebben hiermee te maken. De combinatie arbeid en gezin speelt hierin een belangrijke rol. Maar met alle gevolgen van dien.

We hebben indertijd druk gezet op de regering toen het deeltijds werk werd ingevoerd. We waren tegen het deeltijds werk omdat we vonden dat vrouwen voltijds aan het werk moesten en we toen al zagen dat deeltijds werk een stereotype-bevestigend effect zou hebben. Het compromis was dat het mag, maar ook voor mannen moet kunnen. Ja hoor, we voerden sociale strijd. Feminisme is sociale strijd.

Hoe ziet u de toekomst van het feminisme?

Monika Triest. Ik geloof in twee speerpunten die kunnen mobiliseren. Ten eerste het thema geweld op vrouwen. #Metoo is een start maar er moet meer volgen. Ten tweede geloof ik sterk in jonge vrouwen met een migratieachtergrond. We zien dat ze volop op de voorgrond treden als schrijfsters, opiniemaaksters, stand-upcomedians, enz. Ze laten zich horen en hebben het potentieel om veel vrouwen en meisjes met zich mee te trekken.

Boek: Wat zoudt gij zonder ’t vrouwvolk zijn? Een geschiedenis van het feminisme in België

€ 24,95 Uitgeverij Vrijdag, 2018, 244 p. ISBN 9789460016295 

Karl Marx, feminist avant la lettre?

Wat is de plaats van vrouwen in het denken van Karl Marx? Saliha Boussedra (Frankrijk) onderzoekt of bij Marx de verhouding tussen de sekses secundair is aan die tussen de sociale klassen. Rachel Holmes (Verenigd Koninkrijk) schreef de ultieme politieke biografie van Eleanor, de dochter van Karl Marx. Françoise De Smedt, van de vrouwenwerkgroep van de PVDA, brengt concrete getuigenissen over genderongelijkheid hier en nu. Gesprek op ManiFiesta

Dit artikel komt uit het magazine Solidair van juli-augustus 2018. Abonnement

Commentaar toevoegen

You must have Javascript enabled to use this form.

Reacties

Goed dat ook het onrecht dat mannen wordt aangedaan erkend wordt. Want we mogen ons als gemeenschap niet laten verdelen, dus zoveel mogelijk mannen betrekken bij de strijd. De lagere verloning van vrouwen wordt immers ook gebruikt om de lonen van mannen onder druk te zetten. En... de verworvenheden van de vrouwenbewegingen zijn niet min, maar ze werden alleen maar toegelaten omdat vrouwen economisch belangrijk werden. Wie kan er vandaag nog voor een carrière als huisvrouw en opvoedster kiezen? Waarom moeten zuigelingen al vanaf drie maand oud naar een crèche worden gebracht? Is dat echt in het voordeel van elke vrouw, elk kind? Of is het een economische noodzaak? Waarom moeten alleenstaande moeders met kinderen absoluut geactiveerd worden om een job te vinden? Feminisme, O.K., maar dan een zonder oogkleppen en heilige huisjes.