N-VA-pleidooi voor afschaffing brugpensioen is geen voorbeeld van rechtvaardig sociaal beleid

auteur: 

Kim De Witte

“Schaf het brugpensioen volledig af”, zo stelde Theo Francken (N-VA) onlangs op het kopstukkendebat van de Leuvense rechtenkring. De N-VA steekt haar afkeer voor het brugpensioen niet onder stoelen of banken. De linkerzijde repliceerde dat de afschaffing van het brugpensioensysteem gewoon een verhoging van het aantal niet-bruggepensioneerde werklozen met zich zal meebrengen. Francken erkende dat dit, minstens op korte termijn, wellicht zo zal zijn.

Maar de vraag stelt zich of het debat over het brugpensioen, dat met het conflict bij Agfa-Gevaert terug heviger woedt, vooral een pragmatische kwestie is (minder bruggepensioneerden = meer werklozen) of ook een principiële kwestie (het recht op brugpensioen). Dinsdag konden we in DS lezen dat het ziekteverzuim piekt door de vergrijzing. Uit een studie van het sociaal secretariaat Securex blijkt dat Belgische werknemers in de privésector steeds vaker ziek worden. Vooral het aantal langdurig zieken stijgt spectaculair: een verdubbeling tussen 2001 en 2013 (van gemiddeld 1,06 naar 2,27 zieken op 100 werknemers per dag).

Niet toevallig verdubbelde tijdens diezelfde periode ook het aantal vijftigplussers op de arbeidsmarkt. “Een werknemer ouder dan vijftig is gemiddeld meer dan dubbel zoveel dagen afwezig als een werknemer jonger dan dertig”, aldus Securex. De link is volgens Securex dan ook vlug gelegd: het stijgend absenteïsme is de keerzijde van werknemers langer laten werken. De toenemende werkdruk en stress verergert de zaak. Bovendien is het fenomeen niet gelijk verspreid: bij arbeiders ligt het ziekteverzuim ruim anderhalf keer zo hoog als bij bedienden.

Karel Van Eetvelt, gedelegeerd bestuurder van Unizo, wees met beschuldigende vinger naar de ouderen zelf: “misbruik van langdurige arbeidsongeschiktheid”. Maar dat is toch wel zeer kort door de bocht. Over de gezondheid van oudere werknemers is al heel wat onderzoek verricht. Daaruit blijkt dat de gezonde levensverwachting een stuk lager ligt dan de gewone levensverwachting. De verschillen tussen de socio-economische groepen in de samenleving zijn bovendien immens.

Het verschil in levensverwachting tussen de hoogste en de laagste socio-economische groepen in de samenleving bedraagt meer dan 7,5 jaar voor mannen en 6 jaar voor vrouwen. Waar deze verschillen de neiging hadden te krimpen, nemen ze nu terug toe. Maar de levensverwachting zegt nog niets over de kwaliteit van de geleefde jaren. Nog veel meer dan bij de gewone levensverwachting, wordt de gezonde levensverwachting bepaald door de socio-economische groep waar een persoon toe behoort.

Het verschil in gezonde levensverwachting tussen de hoogste en de laagste socio-economische groepen in de samenleving bedraagt meer dan 18 jaar, zowel voor mannen als voor vrouwen. Verscheidene onderzoeken komen tot gelijkaardige resultaten[1]. De hoofdoorzaak ligt bij de arbeidsomstandigheden: blootstelling aan gevaarlijke producten, werkritme, belasting van het lichaam, stress door werkonzekerheid, …[2].

De vraag naar brugpensioen van de werknemers van Ford Genk, Afga-Gevaert, Sidmar, … is dan ook geen absurde vraag naar voorkeursbehandeling. Het is een vraag die vertrekt van de sociale realiteit. Dat de N-VA hier geen voeling mee heeft, verandert niets aan deze realiteit.

Het gelijkheidsbeginsel in onze grondwet verplicht niet alleen om gelijke gevallen gelijk te behandelen, maar ook om ongelijke gevallen ongelijk te behandelen. Werknemers die 6 tot 7,5 jaar minder lang leven en tot 18 jaar minder lang in goede gezondheid verkeren, hebben ook recht op rust na een leven van intense arbeid. Het brugpensioen en het vervroegd pensioen garanderen dit recht.

De inperking en de afschaffing van deze rechten schenden het gelijkheidsbeginsel en het grondrecht op pensioen, dat ook deel uitmaakt van onze grondwet en van meerdere internationale verdragen die België en Vlaanderen ondertekenden.

De grijs gedraaide plaat dat het brugpensioen en het vervroegd pensioen onbetaalbaar zouden zijn, mag nu wel eens worden omgedraaid. Volgens het laatste Ageing Report van de Europese Commissie zal de economische afhankelijkheidsratio in de eurozone, dit is het totale aantal niet-actieven ten aanzien van het totale aantal actieven, niet verslechteren maar verbeteren tegen 2030: een evolutie van 1,32 niet-actieven per actieve in 2010 naar 1,30 niet-actieven per actieve in 2030! Nadien wordt een lichte verslechtering voorspeld: evolutie naar 1,48 niet-actieven per actieve in 2060. Dat is een toename van de economische afhankelijkheidsratio met iets meer dan 10%. Dat cijfer geldt ook voor België. Die toename van 10% moeten we plaatsen naast de verwachte stijging van onze welvaart met 100%. Naast een reservering van 10% van onze toegenomen welvaart voor de pensioenen blijft er dus nog 90% van onze toegenomen welvaart over voor innovatie, onderwijs, groene energie, mobiliteit, infrastructuur en dergelijke meer.

Uiteraard gaat het hier over keuzes in het sociaal beleid. Krijgt iedereen een recht op rust na een leven van intense arbeid? Of gaan enkele eeuwen terug in de tijd? Naast een recht op rust is er ook een recht op arbeid. Dat betekent aangepaste werkvormen en lagere werkritmes voor ouderen.

De beslissing van de regering Di Rupo om het brugpensioen verder in te perken en de wettelijke pensioenleeftijd met twee tot vijf jaar op te trekken, zonder enige plicht op tewerkstelling van ouderen in hoofde van de werkgevers en zonder grondig onderzoek naar de beschikbaarheid van werk voor ouderen op de arbeidsmarkt, is een tegenvoorbeeld van intelligent sociaal beleid.

De maatregel schiet bovendien haar doel gedeeltelijk voorbij. De dalende uitgaven in de wettelijke pensioenverzekering worden deels teniet gedaan door stijgende uitgaven in de ziekteverzekering, zo blijkt uit de studie van Securex. Dat heeft men met sociaal beleid dat niet aansluit bij de sociale realiteit.

Een recht op brugpensioen vanaf 58 jaar en een recht op vervroegd pensioen vanaf 60 jaar, in beide gevallen na 35 loopbaanjaren, zijn geen overbodige luxe. Het zijn rechten die ervoor zorgen dat iedereen kans heeft op een periode van rust na een leven van intense arbeid.

 

 

[1] H. VAN OYEN, P. DEBOOSERE, V. LORANT en R. CHARAFEDDINE (eds.) (2011), Sociale ongelijkheden in gezondheid in België, Gent, Academia Press, 34-36; N. BOSSUYT, S. GADEYNE, P. DEBOOSERE en H. VAN OYEN (2004), Socioeconomic inequalities in health expectancy in Belgium, Public Health 2004, 118(1), 3-10.

[2] K. VAN BEVER, T. ENGELBEEN, E. VAN REUSEL en D. VAN DUPPEN (2011), Retirement and socioeconomic inequalities, BMJ 2011, 342:c7400; W. NUSSELDER, C. LOOMAN, J. MACKENBACH, M. HUISMAN, H. VAN OYEN, P. DEBOOSERE, S. GADEYNE en A. KUNST (2005), The contribution of specific diseases to educational disparities in disability-free life expectancy, American Journal of Public Health 2005, 95(11), 2035-2041.

 

Commentaar toevoegen

Reacties

Kan ik op 25 mei op PVDA+ stemmen in NOORD-LIMBURG (NEERPELT) ?? Bij mijn weten komt deze partij NIET op in NEERPELT ??
De PVDA+ komt (als enige partij) op in gans het land. Dus natuurlijk kan u ook in Noord-Limburg op ons stemmen. In Limburg zijn Gaby Colebunders en Kim De Witte de lijsttrekkers. Op 28 maart kan je Gaby Colebunders ontmoeten in uw buurgemeente Lommel. (Info in de agenda.)
laat iedereen werken zolang hij wil en betaal hem pensioen volgens de gewerkte aantal jaren veel of weinig hij heeft beslist verder e pensioensleeftijd houden op 65 jaar voor de normale werken en minder voor de zware vakken
Ik heb een vraag voor de pensioenspecialist: waarom moeten er zo grote verschillen zitten in de uitbetaalde pensioenen? Diegenen die een hoog pensioen uitbetaald krijgen, hebben sowieso hun hele leven lang al veel verdiend. De mensen met een laag inkomen hebben een laag pensioen, die worden dubbel gestraft. Kan er ook niet overgegaan worden tot 1 pensioenstelsel? Of snijden we daarmee in het leer van alle ambtenaren???