Foto PRO-GE

Na Duitsland gaan ook in Oostenrijk werkende mensen voor loonsverhoging

Negen maanden na de Duitse metaalarbeiders beginnen ook die van Oostenrijk een strijd voor meer loon. Ze eisen 5 procent en verzetten zich tegen een nieuwe wet, waardoor hun werkgevers hen tot 12 uur per dag en 60 uur per week kunnen laten werken, zonder overuren te betalen.

De voorbije twee weken hebben de metaalarbeiders van Oostenrijk telkens drie dagen waarschuwingsstakingen (van 2 tot 3 uur) gevoerd om het patronaat onder druk te zetten. Ze eisen 5 %, terwijl de werkgevers, na tal van onderhandelingen en onder druk van onderuit, maar 2,7 procent willen toestaan: 2 % compensatie voor de inflatie van de voorbije 12 maanden en 0,7 % reële opslag. Peanuts, zeggen de werknemers.

Regering van rechts en extreemrechts maakt 12-urendag tot ‘normale arbeidsdag’

In juli zette het Oostenrijkse parlement zich achter een wetsontwerp dat de regering, een coalitie van rechts en extreemrechts (vergelijkbaar met Vlaams Belang), op vraag van de Patronale industriefederatie en de Kamer van Koophandel had uitgewerkt. Zonder de vakbonden daarover te raadplegen, wat nochtans gebruikelijk is voor zo’n materie. Om dat overleg te omzeilen, duwde de regering de wet door als een soort van noodwet.

Door die wet mogen werkgevers hun werknemers 12 uur per dag of 60 uur per week laten werken zonder dat ze de overuren nog als overuren hoeven te betalen. 100.000 werknemers betoogden tegen de nieuwe wet, omdat die hen zwaar onder druk zet. En inderdaad, amper drie weken nadat ze was goedgekeurd, werkte 10 procent van de Oostenrijkers al 12 uur per dag.

Foto PRO-GE

Oostenrijkse werknemers zwaar onder druk

De regering had verzekerd dat langer werken alleen “op vrijwillige basis” zou kunnen. In de praktijk is dat niet het geval. Fatma (56) werkt al 20 jaar als hulpkok in een restaurantketen in Wenen. Toen de wet was goedgekeurd, eiste haar baas dat ze 12 uur per dag zou werken. Zo niet zou ze worden ontslagen. Fatma gaf toe om 40 uur per week te werken. 12 uur per dag kon ze met haar gezondheid niet aan. Ze werd ontslagen,  maar volgens haar ontslagbrief was er 'in onderling overleg' een einde gemaakt aan haar contract. Roman Hebenstreit, voorzitter van de vakbond Vida van de transport- en dienstensector, reageert: "We weten dat Fatma niet de enige is in dit bedrijf. Maar velen van haar collega’s durven zich niet te verzetten. Bij deze wet is er dus geen sprake van vrijwilligheid, omdat de loontrekkenden financieel afhankelijk zijn van hun job."

Metaalarbeiders eisen betere arbeidsomstandigheden

De metaalarbeiders beslisten dit systeem aan te vechten. De winsten in de metaalsector zijn namelijk enorm. Ze eisen 5% opslag, waarvan minstens 100 euro voor de laagste lonen, hogere premies en betaalde pauzes tijdens langere werkdagen. Ze eisen ook bescherming tegen ontslag voor wie weigert 12 uur per dag of 60 uur per week te werken. De werkgevers noemen deze eisen veel te hoog.

Foto PRO-GE

Een sterke, eengemaakte en vastberaden beweging

70.000 werkers legden de voorbije weken het werk gedurende verscheidene uren neer om duidelijk te maken dat het hen menens is. Vakbonden en werkgevers onderhandelen zondag. Tenzij de werkgevers alsnog met ernstige voorstellen afkomen, volgen er vanaf maandag massale stakingen in het hele land, die het patronaat in de sector tientallen miljoenen per dag zullen kosten. "De wil om te staken en de solidariteit te organiseren in de sector is sterk", zegt Rainer Wimmer, ondervoorzitter van de nationale vakbond PRO-GE. "De werknemers willen eindelijk het deel van het economisch succes waar ze recht op hebben en dat ze mee mogelijk hebben gemaakt door hun werk en engagement."
Iedereen beseft hoe belangrijk deze strijd wordt voor alle werkende mensen in het land. In de metaalsector vinden altijd de eerste onderhandelingen plaats en die zijn richtinggevend voor de rest van de industrie.

Een Europese strijd

Na de Oostenrijkers is het de beurt aan de Nederlandse metallo’s. Ook zij eisen 5 % loonsopslag en ze organiseren daarvoor beurtstakingen per regio. Tienduizenden werkers zijn daarbij betrokken. Op 19 en 20 november is het zuidwesten van Nederland aan de beurt.
Ook in België komt de discussie over loonsopslag voor de periode 2019-2020 op gang. Het patronaat is in alle landen zeer agressief, dikwijls met de steun van rechtse en extreemrechtse regeringen. Zij passen de politiek van Europa toe en dat wil de werkende mensen in Europa elkaar laten beconcurreren om de lonen te doen dalen. De strijd van de Duitse, Nederlandse en Oostenrijkse loontrekkenden is dus ook onze strijd. En omgekeerd.

Foto PRO-GE

Commentaar toevoegen

Reacties

Rechts en extreem rechts zijn altijd al tegen de vakbonden geweest de verdedigers van de arbeiders.Arbeiders die rechts en extreem rechts stemmen schieten zich in de eigen voet Beter verkiezen ze politieke partijen die de vakbonden steunen.Voor rechts neoliberaal Europa zijn de arbeiders maar de loonslaven voor de winsten van de aandeelhouders.