Politieke microbe ging van moeder op zoon: Jos D'Haese (Comac) en Mie Branders (PVDA+)

Het komt niet vaak voor: een moeder en haar zoon samen in de politiek. Mie Branders (49) en Jos D’Haese (21) zijn allebei actief voor de Partij van de Arbeid. “Ruzie maken we eigenlijk alleen over wie de afwasmachine moet uitladen”, zeggen ze in een dubbelinterview met de Gazet van Antwerpen.Mie Branders groeide op in Rillaar, nu een deelgemeente van Aarschot. “Ik kom uit een superkatholiek gezin, mijn vader is nog schepen geweest voor de CVP”, begint ze verrassend. “Maar via de Chiro, mijn engagement voor de derde wereld en de antirakettenbeweging ben ik aan de linkerkant beland. Na mijn studie geneeskunde in Antwerpen ging ik als eerste vrouwelijke arts aan de slag bij Geneeskunde voor het Volk in Hoboken. Ik heb nooit de ambitie gehad om ergens anders te gaan werken voor een hoger loon. Sociaal engagement spreekt me veel meer aan dan materiële zaken.”

In 2000 werd Mie verkozen in de districtsraad van Hoboken, en in 2012 in de gemeenteraad van Antwerpen. Op diezelfde kieslijst stond ook haar oudste zoon Jos, op de 33ste plaats. “Dat ik die stap zou zetten, was logisch”, zegt hij. “Bij ons thuis is altijd veel over politiek gepraat.”

Thuis, dat is de dubbele rijwoning in Hoboken waarvan Mie Branders de helft bewoont samen met haar man, de beeldhouwer Lebuïn D’Haese, en hun drie zoons. In de andere helft woont haar schoonzus Lieve met haar drie kinderen. “Zij verdient ook een plaats in dit verhaal, want mede dankzij haar heb ik mijn gezin kunnen combineren met mijn werk als arts en met de politiek.”

Jos behaalde eerst zijn bachelor biologie, maar is inmiddels overgeschakeld naar geneeskunde. “Hij heeft de juiste volgorde gekozen”, vindt zijn moeder. “Eerst de planeet redden, en daarna de mensen.”

Vogels en vlinders

Het groene thema ligt Jos nauw aan het hart. Hij en zijn twee broers zijn al jaren actief in de Jeugdbond voor Natuur en Milieu (JNM). “Vogels spotten en vlinders vangen”, lacht hij. Hij is overtuigd vegetariër en verplaatst zich met de fiets. “De PVDA heeft het groene thema te lang onderschat. Terwijl wij een beter verhaal hebben dan Groen, dat is vastgeroest in het marktdenken. Vanuit het authentieke groene denken kom je automatisch ook uit bij linkse kritiek op het systeem.”

En dus werd Jos voorzitter van Comac, de studentenvereniging en jongerenbeweging van de PVDA. “Met onze acties tegen de GAS-boetes hebben we veel respons geoogst”, zegt hij. “En in november zijn we met tweehonderd jongeren van Comac en JNM naar de klimaattop in Warschau geweest. Een succes.”
Jos wil arts voor het volk worden, zoals zijn moeder. Hun professionele ambities en hun politieke overtuiging zijn niet de enige gelijkenissen. 

Ook fysiek lijken ze erg op elkaar. En hoe zit dat karakterieel? “Hij heeft mijn soms overdreven principiële houding geërfd”, zegt Mie. “Je kan het ook koppigheid noemen (lacht).”

“We hebben ook allebei de neiging om nogal snel op de voorgrond te treden”, vult zoonlief aan. “Dat levert wel eens pittige discussies op”, zegt Mie. “Maar als daar ruzie van komt, dan gaat het toch vooral over de vraag wie de afwasmachine moet uitladen.”

Hoe is het eigenlijk mogelijk om haar rollen als moeder van drie, arts en politica te combineren? “Nu is dat makkelijker omdat de kinderen groot zijn, maar vroeger was het vaak een kwestie van goed doseren”, zegt ze. “Je moet vooral goed in het echte leven staan. Ik word kwaad als ik een beroepspolitica met een dikke pree zoals Anke Van dermeersch bijna in tranen hoor jammeren over haar dubbele rol als politica en moeder. Of als ik lees hoe Fientje Moerman zich beklaagt over haar zware leven. Ongelooflijk! Die vrouwen hebben geen enkel respect voor hun kiezers.”

Verkiezingen of examens?

Het pas begonnen jaar wordt spannend voor moeder, zoon en hun partij. “We gaan er alles aan doen om met onze voorzitter Peter Mertens voor het eerst in de geschiedenis een zetel te veroveren in het parlement”, zegt Jos. “Als we hard werken, moet dat lukken. Helaas zal ik dan niet mee kunnen vieren op 25 mei, want een dag later beginnen mijn examens.”

“Het zou mooi zijn als onze stichters van de jaren zeventig - zoals Kris Merckx - dit nog mogen meemaken”, zegt Mie. “De PVDA is sindsdien wel veranderd. We gaan veel meer dan vroeger naar de mensen om uit te zoeken wat er onder de bevolking leeft. Daardoor hebben we nu ook een veel duidelijker programma dan pakweg zes jaar geleden. En daarmee hebben we veel stemmen veroverd op de sp.a, maar ook op het Vlaams Belang.”

De nieuwe PVDA spreekt volgens Jos ook veel jongeren aan. “Wij worden niet meer gebrandmerkt als de communisten”, zegt hij. “Bij Comac zeiden we vroeger nooit dat wij de jongerenbeweging van de PVDA waren. Nu komen de jongeren spontaan op ons af. En na afloop van schooldebatten oogsten we vaak de hoogste score van alle partijen.”

Moeder Mie zit glunderend naar haar zoon te kijken. “Hij heeft er minder lang over gedaan om zijn engagement te ontwikkelen dan ik destijds”, zegt ze. “Maar ja, ik groeide dan ook op in het dorp Rillaar. Pas in de stad zag ik hoe fout een aantal zaken liepen. Ofwel word je dan cynisch, ofwel probeer je er iets aan te doen.”

“Dat lukt niet vanuit de oppositie in de gemeenteraad. Die is voor ons vooral een megafoon om zoveel mogelijk stemmen van arbeiders op ‘t Schoon Verdiep te laten klinken. Om écht iets te veranderen, moeten we de mensen op straat overtuigen om weer te vechten voor hun rechten. Zo kunnen we hopelijk vermijden dat sociale bolwerken zoals de bos- en zeeklassen verder worden uitverkocht.”

Artikel overgenomen uit de Gazet van Antwerpen (04/01/2014)

Commentaar toevoegen