PVDA Namen stapte mee in “volksstroom” in Parijs

280.000 mensen in heel Frankrijk. 80.000 alleen al in Parijs. De “Marée populaire”, de volksstroom die een vijftigtal organisaties (middenveld, politiek, syndicaal) organiseerden in meer dan tachtig Franse steden, was een succes. En in de Franse hoofdstad stapten ook militanten van de PVDA mee op. Tot grote vreugde van de lokale betogers.

“F**k, ik kan niet, ik moet werken!” Farah, werkt bij de NMBS, is militante van PVDA Namen en was op 22 mei dolgraag meegegaan naar de betoging in Parijs voor de openbare diensten. “Ik heb sinds het begin van de sociale beweging in Frankrijk nog aan geen enkele betoging kunnen deelnemen. Waarom gaan we nu zaterdag niet?”

En zo gebeurde het dat we op 26 mei onder een stralende zon in een volle auto op weg waren naar Frankrijk voor de dag van de “Marée populaire”, een dag met acties in heel Frankrijk. Een hoogdag sinds het begin van de sociale beweging die nu al meer dan twee maanden door het land raast. Tegen Macron, “hij die de republiek minacht” zoals er op een enorme affiche van de PCF te lezen staat, en tegen alle Macrons die aan het hoofd van de landen van de Europese Unie. Een dag van toenadering die de strijd moet versterken die gevoerd wordt door spoorwegpersoneel, verplegend personeel, studenten, vuilnisophalers, werknemers uit de privé enz.

De strijd versterken

In de auto spreken we over de vorige mobilisaties waaraan de PVDA heeft deelgenomen: 22 maart, de eerste grote mobilisatie van de ambtenaren en het spoorpersoneel, 19 april, de interprofessionele actiedag, 22 mei, na de oproep van alle vakbonden in de openbare dienst …

“Op 22 maart waren er tweehonderd Belgische spoormensen van de partij. Op 19 april trokken meer dan zestig jongeren van Comac (de studentenbeweging van de PVDA, n.v.d.r.) naar Frankrijk en op 22 mei gaf een delegatie van de PVDA en Comac opnieuw present. Deze actie mochten we dus ook niet aan ons laten voorbijgaan!” Eén ding is zeker, Farah geeft niet op… Ze herinnert zich de bijeenkomst van 15 mei, georganiseerd door de partij en door de Franse communistische partij (PCF), waarop Laurent Brun, secretaris-generaal van de Franse spoorwegbond CGT Cheminots, en Raoul Hedebouw, nationaal woordvoerder en volksvertegenwoordiger van de PVDA, uitlegden dat de strijd van het Franse spoorpersoneel belangrijk was voor heel Europa. “Iedereen in de zaal kreeg er een boost van!”

Een Europese verzetsbeweging uitbouwen

Na een rit van een paar uur, onderbroken voor enkele stops om op deze warme dag het vochtpeil aan te vullen, komen we bij de metro. Probleempje: de optocht vertrekt aan het Gare de l'Est, het symbool van de strijd van het spoorpersoneel, maar dat station is gesloten. Dus stappen we uit bij de halte République, waar de Marée populaire langs zal komen. Dan volgt een eerste scho: daar is al een enorme massa op de been. “Zijn al die mensen hier voor de betoging?” Ja dus.

Foto

De organisatoren van de Marée populaire hebben de optocht in verschillende blokken opgedeeld: voorop de burgers die geen lid zijn van een organisatie, daarna de verenigingen, de vakbonden en tot slot de partijen.

Terwijl we aan de kant wachten terwijl de (erg) lange stoet voorbijtrekt, ontrollen we een spandoek “Les travailleur-euse-s de Belgique solidaires” (Weknemers van België solidair). De mensen in de optocht staan even met de mond vol tanden, maar meteen daarna komen ze op ons af en zeggen iets wat we die dag nog ongeveer 638 keer zullen horen: “Merci!”

Er komen gesprekken op gang en de hele middag lang wordt er gebabbeld: “Zijn jullie speciaal voor de betoging gekomen? Wauw! Waarom?” De hervormingen die president Macron wil doorvoeren bij het spoor, in het hoger onderwijs, de gezondheidszorg enz. worden uitgebreid vergeleken. “Ja, het verzet moet dringend op Europees niveau georganiseerd worden!”, zegt een dame die haar kleren heeft volgeplakt met stickers van La France Insoumise (FI).

Op het einde komen de politieke partijen voorbij. We zien een Portugese vlag. “Vinden jullie het erg als we met jullie meestappen?” De militanten van de Portugese communistische partij (PCP) lachen. “Natuurlijk niet! Sluit jullie aan!”

“Ah, de Belgen, ik hoop dat jullie je voorbereid hebben om tegen de privatisering van het spoor te strijden, want binnenkort is het bij jullie ook zover!” Omar, arbeider bij Air France, roept het ons toe, met een brede glimlach en een vuist in de lucht. “Sinds wij geprivatiseerd zijn, gaat het van kwaad naar erger. Als ze dat bij de kameraden van het spoor ook doen, zal het bij hen net zo gaan. Ik weet wat Macron hier wil doen, en jullie politici zullen het bij jullie ook proberen. Ze zijn begonnen in Zuid-Europa. Nu schuift het op naar het noorden … Ze willen een nivellering naar onderen, ze vergelijken met de landen waar er minder sociale verworvenheden zijn en dan zeggen ze ‘kijk daar, die hebben dat niet en dat niet. Dus jullie hoeven dat en dat ook niet te hebben …’ En zo gaat het in alle sectoren. Maar goed, het feit dat jullie hier vandaag zijn, betekent dat jullie het begrepen hebben. Gelukkig maar!”

“Tof, de PVDA!”

Achter ons horen we roepen: “De PVDA? Jullie weer? Zijn jullie van plan om naar al onze betogingen te komen?” Het is Anne Sabourin, een directrice van de PCF, verantwoordelijk voor Europese Zaken.

Een paar meter verder komen twee jongeren op ons af: “Tof, de PVDA! Is Comac er niet bij?”

“Die verscheidenheid is echt fantastisch,” glundert Monique, een vrouw die uit het zuiden van de provincie Luxemburg hierheen is gekomen. “Het is een echte volksbijeenkomst. En de mensen zijn zo vriendelijk, zo gastvrij … Wat mij het meeste opvalt is dat deze betoging niet alleen militanten van organisaties op de been heeft gebracht, maar dat er voor het eerst vooral mensen meestappen die zich verzetten tegen het liberale beleid van Macron en de Europese Unie … Ik heb al met heel wat van hen gesproken! En ik ben vooral blij dat ze allemaal gezegd hebben dat ze het zullen blijven doen!”

De optocht komt bij de Bastille. De betogers voor ons stoppen om hun spandoeken op te rollen en laten ons door. Op het trottoir staan betogers die ook de eindbestemming hebben bereikt. Ze zien ons en beginnen te applaudisseren. We voelen ons net wielrenners die in de Ronde van Frankrijk een bergtop bereiken en door het publiek aangemoedigd worden… “België staat aan onze kant! België staat aan onze kant!”

We moeten afscheid nemen. Nadine uit Dinant, is knalrood. Door de zon of van de emotie? “Van allebei een beetje”, lacht ze. “Het doet zoveel deugd al die mensen te zien die zich verzetten … En dan die uitgelaten sfeer! Sommige mensen zeggen dat betogen saai is. Maar dat is niet waar! Dit was een prachtdag!”

De strijd hier opbouwen

Op de terugweg reist de sfeer van de volksstroom met ons mee. “Het is maf!”, “En dan te bedenken dat we er bijna niet bij waren geweest”, “Als we dat aan de kameraden vertellen, zullen ze ons niet geloven…”

We komen aan in Namen. Het is al na elf uur ’s avonds. De vrolijke bende gaat uiteen. Monique moet nog twee uur rijden voor ze thuis is. Zal het gaan? “Na zo’n dag? Tuurlijk!”

Wij moeten verder naar Dinant. Nadine lijkt ook helemaal niet moe te zijn. “Wanneer beleggen we de volgende bijeenkomst van de lokale afdeling? We moeten dit aan de anderen vertellen. En we moeten het gebruiken voor de strijd hier. Stel je voor dat we zo’n beweging op de been kunnen krijgen tegen Michel, De Wever en consorten? Het zal niet makkelijk zijn, maar na een dag zoals vandaag ben ik ervan overtuigd dat het kan.”

Commentaar toevoegen

Reacties

Wij - alle arbeider en arbeidsters samen - kunnen alleen iets gedaan krijgen als we met zijn allen in de E.U. aan hetzelfde zeel trekken. Een betoging in Frankrijk, dan 2 weken later een kleintje in België, dan weer eentje in Duitsland, en ga zo maar door ... Neen ! We zijn een verenigd Europa, dus moeten ook alle werknemers, mannen & vrouwen, handarbeiders en bedienden, de privésector, als de ambtenaren, we moeten er allemaal samen voor gaan. En als we om God weet welke reden niet allemaal op dezelfde dag de boel kunnen plat leggen, dan moeten we er minstens voor zorgen dat elk land zijn vertegenwoordiging stuurt naar die andere E.E.G.- landen. Ze zitten op dezelfde stoel, met dezelfde problemen, juist gelijk wij. Onze regeringen willen allemaal hetzelfde : langer werken, minder zekerheden, geen verhoging van de pensioenen, de bijna "onzichtbare" extra inleveringen - zoals een verhoogd remgeld om medicijnen, of het wegtrekken van bepaalde medicijnen uit de terugbetaling zodat wij nu soms 100 % moeten betalen - Neen !! We gaan de belastingen niet verhogen !! Dat roepen ze allemaal, de groenen, de blauwen, de rode, enz.. maar ondertussen pluimen ze ons - de kiekens - op een andere manier, maar dat zijn natuurlijk geen verhoging van belastingen. Maar waar we anders zichtbaar misschien € 100 meer belastingen zouden betalen, daar halen ze nu gemakkelijk € 300 extra uit onze zakken. Maar als je dat verdeelt over kleine stukjes, komt dat niet zo hard aan, en de meeste mensen begrijpen het ook zo niet !! Zand in de ogen strooien.. zo noem ik dat !! Als Europees land komen wij er nog tamelijk deftig uit, maar er zijn landen waar ze veel harder aan de mensen sleuren dan hier. Waar de regeringsleiders nog meer aan zichzelf denken dan aan de miljoenen mensen die voor hen (hun leugens) gestemd hebben. Moesten ze eens allemaal begrijpelijke taal spreken zoals de PvdA, zodat de mensen zouden verstaan wat er aan de hand is, dan zouden die oude getrouwe partijen nogal rap met hun gezicht tegen de grond liggen. Ik denk en hoop steeds maar : straks meer hoger opgeleide mensen die gaan stemmen ; minder "trouwe" stemmers die nog steeds op de SP en de CD&V stemmen omdat hun ouders dat ook zo deden. En zij ook, al zijn ze nu de 80 al gepasseerd.