PVDA-voorzitter Peter Mertens over N-VA en het colloquium Van Severen

auteur: 

han Soete

Koen Degroote zetelt voor de N-VA in het federale parlement en is ook N-VA burgemeester van Dentergem. Het Anti-Fascistisch Front en zijn Franstalige tegenhanger Résistances onthulden woensdag dat Koen Degroote het komend weekend, zaterdag 25 oktober, een colloquium over de Europese actualiteit van het denken van Joris Van Severen zou openen en inleiden. PVDA-voorzitter Peter Mertens reageert geschokt en wil niet dat dit soort herdenkingen geminimaliseerd wordt.

In de pers wordt hier en daar beweerd dat het om ‘folklore’ zou gaan.

Peter Mertens. Ja, men doet dit te gemakkelijk af als folklore. Maar dat is het niet, om twee redenen. Ten eerste gaat het om beleidsdragers, vertegenwoordigers van de regering of van een van de regeringspartijen. Met zo’n functie moet je verantwoordelijk omgaan. Johan Sauwens werd destijds voor veel minder aan de kant gezet, toen hij gaan spreken is voor het Sint Maartensfonds (fonds ter ere van de collaborateurs, n.v.d.r.). Jan Jambon is daar toen ook gaan spreken. Dat was tóen, zo kun je nog zeggen. Maar de huldiging van Bob Maes en de herdenkingsplechtigheid voor Joris Van Severen, dat is vandaag. Als een federaal staatssecretaris (Theo Francken, n.v.d.r.), of een Vlaams minister (Ben Weyts, n.v.d.r.), of een federaal parlementslid van de meerderheid (Koen Degroote, n.v.d.r.) daaraan deelnemen, dan heb je andere koek. Zij geven daarmee een signaal. Zij normaliseren daarmee een bepaalde geschiedkundige lijn in de Vlaams-nationalistische beweging.

Ten tweede: het gaat niet om feestjes of vieringen van kleine collaborateurs, het gaat niet om de lieden die misleid waren tijdens het interbellum of tijdens de nazibezetting. Voor die mensen hebben de communisten na de oorlog met Van Hoorick trouwens het eerste wetsvoorstel voor amnestie ingediend: amnestie voor de kleine garnalen, maar niet voor de grote politieke en economische collaborateurs. We spreken daar niet over. We spreken over de ideologen, de roergangers, de spreekbuizen van het corporatisme, van het solidarisme en van het nationaal-socialisme. De mensen die het gedachtegoed hebben verspreid in ons land. Staf de Clercq met zijn VNV, vanaf het begin gesponsord door de Duitse propagandadiensten voor het verspreiden van het nazisme in Vlaanderen. De man waar Bob Maes geen meter afstand van wil nemen.

Joris Van Severen, de man die Sorel en Mussolini vertaalde naar ons land en het solidarisme als ‘volksgemeenschap’ op de kaart wilde zetten

En nu ook Joris Van Severen, de man die Sorel en Mussolini vertaalde naar ons land en het solidarisme als ‘volksgemeenschap’ op de kaart wilde zetten. Van Severen heeft het Verbond van Dietse Nationaal-Solidaristen (Verdinaso, n.v.d.r.) opgericht. ‘Alleen het Verdinaso is in Dietsland de drager van de fascistische revolutie’, zo schreef de spreekbuis ’Hier Dinaso’ in januari 1934 over die beweging. De extreemrechtse vleugel van het Vlaams-nationalisme heeft nooit afstand willen nemen van figuren zoals de Clercq en Van Severen. Die stroming is net na de oorlog blijven leven, in een bepaalde stroming binnen de na-oorlogse CVP, nadien in de Vlaamse Concentratie, daarna bij een bepaalde vleugel van de Volksunie, uiteraard in het Vlaams Blok, maar nu ook bij een deel van de N-VA. Dat is een historische lijn die vandaag doorwerkt. Uiteraard moet men daar ongerust en alert over zijn.

Over de ophef die onder meer de PVDA maakte over het verjaardagsfeest van Bob Maes, vertelde N-VA-voorzitter Bart De Wever vorige zondag: “Mag ik bezig zijn met de problemen van deze eeuw in plaats van met zaken uit de eerste helft van de vorige eeuw?” Daarmee was voor velen de kous af.

Peter Mertens. Inderdaad, je ziet hoeveel zo’n woorden waard zijn. De communicatiemachine van de N-VA, die professioneel is uitgerust om alle schoonheidsfoutjes van de separatisten uit de weg te framen, botst op de realiteit van een bepaalde vleugel binnen de N-VA.  Parlementslid Koen Degroote is ook burgemeester van Wakken, de geboorteplaats van Van Severen. ‘Als burgemeester heet ik de deelnemers aan het Colloquium Joris Van Severen welkom, het is de gemeente die het drankje aanbiedt achteraf’, zegt hij. Het lijkt wel om een cursus snit en naad te gaan, of een colloquium over hondendressuur. Niet dus, het gaat om een colloquium over de actualiteit van het solidaristische gedachtegoed.

N-VA is geen partij van nostalgici naar de Nieuwe Orde van drie kwart eeuw geleden. Maar ze is wel op zoek om het solidarisme van toen naar vandaag te vertalen

Van Severen baseerde zijn solidarisme op Sorel en Mussolini. Het ‘organische solidarisme’ zou zogezegd een antwoord zijn op ‘de klassenstrijd van links’ enerzijds, en op ‘de geldmachten van het liberalistische kapitalisme’ anderzijds. Het was, in woorden, ook een antwoord op de crisis van 1929. Net zoals een bepaald deel van het Vlaams-nationalisme vandaag ook een antwoord aan het zoeken is op de crisis van 2008, en op de doorgeslagen ik-cultuur van het neoliberalisme en van Ayn Rand. Dat is het onderwerp komende zaterdag 25 oktober op het colloquium, en de organisatoren steken het ook niet onder stoelen of banken. “In onze huidige tijd waar de morele, waar de christelijke, waar de algemeen humane waarden overboord worden gegooid omwille van de enig zaligmakende ‘multicul’ en de zegeningen van de islam, kunnen we enkel dromen van een nieuwe Joris van Severen”, zo staat in de nieuwsbrief van de organisatoren. En dat is ook precies wat vandaag parlementslid Degroote in Le Soir vertelt: “Van Severen veroordelen, dat is overdreven. Ik ga hem niet veroordelen.” Was hij dan geen fascist, vraagt de krant? “Je moet dat zien in de historische context van toen, dat is niet vergelijkbaar met vandaag”, aldus Degroote.

Natuurlijk is de N-VA niet voor de heroprichting van het Verdinaso of het VNV. Dat is niet het gevaar. Het gevaar zit in het solidarisme, waarvoor een 21ste-eeuws kleedje wordt gezocht. Een samenleving zonder organisaties van de werkende klasse, zonder vakbonden, zonder stakingsrecht waarin alles wat goed is voor de ondernemers en de elite ook meteen goed wordt verklaard voor de bevolking. Niet de fascistische symboliek loopt door, want die heeft nieuw-rechts al lang afgelegd. Maar wel dat pleidooi voor een ‘organische gemeenschap’ is de historische lijn die doorloopt tot vandaag.

Zijn er vandaag niet belangrijke problemen om aan te pakken? Veel mensen zijn daar niet mee bezig. Ze zijn bezig met hun inkomen, met de toekomst van hun kinderen, met de zorg voor de ouderen. Is het niet belangrijker om dat soort problemen in handen te nemen?

Peter Mertens. Uiteraard, mensen zijn bezig met hun inkomen, met hun pensioen, met het onderwijs, met de gezondheidszorg. Dat zijn heel belangrijke problemen die veel mensen beroeren, en iedereen die sociaal denkt zou daar mee bezig moeten zijn. Dat doen we dan ook, dag in dag uit. Maar het is een grote vergissing om te denken dat er geen enkele band bestaat met de ideologische discussie. Naar welke wereld willen wij? Wat is het antwoord op de crisis? Hoe gaan we dat aanpakken? De N-VA is daar ook mee bezig.

We weten waartoe dat hele idee van een organische solidaristische samenleving geleid heeft. In Italië onder Mussolini, in Duitsland onder Hitler en uiteindelijk in heel Europa

Nogmaals, vergeet de heraldiek en vergeet de vendelzwaaierij van het nationaal-solidarisme. De Van Severen-herdenking gaat om de inhoud, om een nieuw maatschappijproject uit te tekenen waarin de concepten van klassensamenwerking en solidarisme naar de 21ste eeuw worden gebracht. Daarin bestaat de band, en dat is het gevaarlijke. Dat heb ik ook in Hoe durven ze? proberen uit te leggen. De N-VA dat is niet het neoliberalisme van Ayn Rand en Hayek. Uiteraard, dat maakt er deel van uit. Maar evenzeer maakt de conservatieve revolutie à la Edmund Burke integraal deel uit van die partij. Dat wordt samengebracht in een nieuw soort nationalisme, dat als antwoord moet dienen zowel op de sociale strijd van links, als op het doorgedreven liberalisme van de financiële wereld.

De N-VA is geen partij van nostalgici naar de Nieuwe Orde van drie kwart eeuw geleden. Maar ze is wel op zoek om het solidarisme van toen naar vandaag te vertalen. En dat zou alle antifascisten en democraten moeten verontrusten. Het is bijzonder jammer dat de antifascistische reflex bij de liberalen van de Open Vld en de MR is verdwenen, in ruil voor wat regeringspostjes. Net zoals bij sommige linksen die meegaan in heel dat verhaal over folklore. We weten waartoe dat hele idee van een organische solidaristische samenleving geleid heeft. In Italië onder Mussolini, in Duitsland onder Hitler en uiteindelijk in heel Europa. Vakbonden en linkse partijen die verboden werden, en het ‘zuiveren’ van alle mensen die ‘anders’ waren dan de ‘organische samenlevingsnorm’. Daarom is dit alles gevaarlijk en daarom blijven wij ook antifascisten. De komende beweging gaat over het zout en het brood, over de index en het pensioen, maar ook over hoe de bakkerij georganiseerd is en over de rechten die de broodbakkers zullen hebben in de samenleving van morgen.

Commentaar toevoegen

Reacties

Mijn vraag " Welke dorpsbewoners mogen ook een drankje komen nuttigen of moeten ze lidmaatschap of sympathie voor het fascisme kunnen bewijzen?
Toch niet de racistische en nationalistische ideologie en politiek van het Verdinaso niet vergeten. Het “Dietse volk” was een “herenvolk”. Zo vond Van Severen, midden de jaren dertig, dat de Nazi’s veel te zachtzinnig met de Joden waren. Vandaag zie ik niet alleen het racisme tegenover mensen van vreemde afkomst maar ook het stijgende misprijzen van “de propere Vlamingen” tegen Walen en de Franstaligen. Het is ook nuttig te weten dat het Verdinaso eerst Vlaams nationalistisch was en daarna Belgisch (Leopold III). Vandaag is het Vlaams nationalisme het grootste gevaar maar ik zie dat bijvoorbeeld de PS graag ook “de Vlamingen” verder en steeds meer op een hoop begint te gooien alsof de Nederlandstaligen in ons land asociaal en verzoeningsgezind zijn tov de collaboratie.
"Nederlandstaligen = allemaal kollaborateurs, een onwetend zootje, achterlijke boerkens." Het leek mij allemaal heel ver. Toen Vlaanderen veel minder industrie had (tot in de jaren zestig), waren dat de scheldwoorden die de franssprekende burgerij in de mond had tegen de 'fils ménapiens', mijn generatie dus. Die franstalige burgerij bestaat nog, maar heeft zich vanaf de jaren zeventig bekeerd tot het Nederlands, is NV-A gezind geworden en spijst hun kas. 't Kan verkeren... Diezelfde tirades worden nu door Di Rupo, Delmotte en anderen overgenomen om een 'Waalse identiteit' te creëren, 'uit zelfverdediging'. In het spoor van De Man, die Leopold-gezind was en opriep om de Duitse bezetter als bevrijder te onthalen. Als socialisten zijn daar volgens mij meer lessen uit te halen dan zich uit te leven in een partijtje schelden op de vismarkt, zonder te reppen over de politieke lading die de MR-kwakkel dekt. Ze reppen ook geen woord over solidariteit tussen alle werkenden en misdeelden die langs de twee kanten van de taalgrens dezelfde dwangmaatrgelen tegemoet gaan. PS : Ik ben in Antwerpen geboren en getogen, werkte tot mijn pensioen in Gent en Charleroi en woon nu in Brussel, in een cirkel van ±60 kilometer dus. België is maar en een voorschoot groot en fijn van stof. Als ze dat willen scheuren dan krijgen ze alleen maar vodden.
Je zou er nog kunnen aan toevoegen : Hoe durven ze , zo denken voor " beschaafde mensen " .
NVA Nazis van Antwerpen , niks anders een ander hemdje maar hetzelfde gedachte goed, verschrikkellijk van dat aan te zien.