Foto Solidair, han Soete

Racistisch geweld, een gevolg van het politieke klimaat

De voorbije weken waren er meerdere gevallen van racistisch geweld. Dat zijn geen toevallige alleenstaande gevallen. De PVDA eist een effectief nationaal actieplan tegen racisme. 

Zondagnamiddag 26 augustus werd een 15-jarige zwarte jongen in het station van Aarschot belaagd door een man en twee vrouwen. Op beelden van het incident is te zien hoe hij na een discussie door de man op het spoor geduwd en gehouden wordt.

Een week voor de racistische aanval in Aarschot werden tijdens het Pukkelpopfestival in Hasselt twee zwarte vrouwen temidden van het publiek bij de haren getrokken, geslagen en geschopt terwijl de daders “Handjes kappen, handjes kappen, de Congo is van ons” zongen. De veiligheidsdiensten en de omstanders grepen niet in.

Nog geen twee maanden eerder onderging een 19-jarige moslimvrouw een racistische aanval in Anderlues (Henegouwen) waarbij haar hoofddoek en bovenkleren werden afgetrokken en de daders haar gezicht en lichaam verminkten.

Maandag 27 augustus werd op een parking in Schaarbeek een moslima aangevallen, beledigd, haar hoofddoek afgerukt en op de grond gegooid. Het CCIB, het Belgisch Collectief tegen de Islamofobie getuigt dat ze meer en meer zulke verhalen ontvangen.

“Relatief” en ”opgekuist”

Het is al te gemakkelijk om deze gebeurtenissen als alleenstaande gevallen te beschouwen. Er wordt telkens met afschuw gereageerd achteraf, mensen schrikken van het extreme racisme dat in dit geweld, niet toevallig tegen een tiener en tegen vrouwen, tentoongespreid wordt. Men wil (uiteraard terecht) dat de daders gestraft worden. Maar hoe extreem deze gebeurtenissen ook zijn, ze mogen ons niet verrassen. Ze zijn het product van ons politieke klimaat: al jaren worden mensen met een migratieachtergrond afgeschilderd als profiteurs, dommeriken, terroristen, achterlijk, niet in staat zich aan onze normen en waarden aan te passen ... Politici doen uitspraken over racisme dat “relatief” zou zijn, pochen met het aantal mensen op de vlucht dat ze hebben kunnen terugsturen, spreken over mensen die “opgekuist” moet worden.

Schuld afschuiven

Wie spreekt over mensen alsof ze het vuil van de straat zijn, moet niet verbaasd zijn dat het geweld tegen hen steeds extremer wordt. Het is al lang geweten dat dit soort uitspraken van politici de weg effenen voor racisme als normaliteit in een samenleving. En dat is precies waar rechts op uit is. Dat we onze woede over alles wat misloopt richten op de allerzwaksten, de zondebokken. Geen job? Geen fatsoenlijke woning? Te weinig pensioen? Geen betaalbaar rusthuis? We worden aangemoedigd om de schuld af te schuiven op migranten en vluchtelingen, terwijl er in realiteit genoeg jobs, woningen en zorg gecreëerd kunnen worden wanneer er andere politieke keuzes worden gemaakt.

Voor de PVDA is racisme allesbehalve relatief, maar verwerpelijk en onaanvaardbaar. Racistische haatmisdrijven moeten streng bestraft worden . Niemand mag om zijn of haar huidskleur, origine of geloof geslagen, beledigd of vernederd worden. We eisen een effectief nationaal actieplan tegen racisme. Ieders grondrechten moeten gewaarborgd zijn. En zolang dit niet gebeurt, blijven wij onze strijd voeren tegen de verantwoordelijken, zij die belang hebben bij het racisme, het aanmoedigen en gedogen, en zelf buiten schot blijven terwijl de allerzwaksten de klappen opvangen.

Debat: Racisme, uitgelezen middel om de werknemers te verdelen?

  • ManiFiesta, zaterdag 8 september, om 15.00 u., alle info

Sinds de jaren 1990 gebruikt het establishment islamofobie om mensen te verdelen. Tegelijk geldt het als excuus voor een buitenlands beleid dat zonder meer imperialistisch is, en wordt het ingeroepen als reden voor een antisociaal binnenlands beleid.

Sinds de aanval op Charlie Hebdo in januari 2015 in Parijs zijn de racistische ideeën nog versterkt. Dit stelt radicaal links en sociale bewegingen voor belangrijke uitdagingen omdat een deel van de bevolking beïnvloed wordt door dit klimaat van haat, en mensen zich laten verdelen rond het vraagstuk van de hoofddoek.

Debat met Edwy Plenel, Germain Mugemangango en Olivia Venet (voorzitster Ligue des droits de l'Homme).