Foto nrkbeta / flickr

Regering legt bommetje onder vrije meningsuiting (in strijd tegen terrorisme)

auteur: 

Ruben Ramboer

Sinds de aanslagen op Charlie Hebdo in januari 2015 heeft de terreur niet alleen het Midden-Oosten maar ook Europa in haar greep. Parijs, Brussel, Zaventem, Londen, München, Nice … Gruwelijke, onaanvaardbare daden van terreur die dringend met effectieve maatregelen moeten worden bestreden. Bart De Wever wil een Patriot Act, naar Amerikaans model. De regering zet ook al stappen in die richting met nieuwe maatregelen in de strijd tegen het terrorisme. Maar geen van die maatregelen zijn efficiënt.

Een nieuwe zomer, nieuwe maatregelen tegen terrorisme. De regering is met haar nieuwe “wetsontwerp houdende diverse bepalingen ter bestrijding van het terrorisme”, dat de Kamerleden op 20 juli - net voor ze op vakantie vertrokken - goedkeurden, niet aan haar proefstuk. Na de aanslag op Charlie Hebdo van januari 2015 kondigde ze 12 maatregelen aan en na de aanslagen in Parijs van november 2015 opnieuw een reeks van 18.

De nieuwe wet wil onder andere de definitie van een terroristisch misdrijf uitbreiden en tapt daarbij, net zoals elders in Europa, nog altijd uit het zelfde vaatje. Strijden tegen terrorisme doe je met uitbreiding van de strafwet, bredere informatieverzameling, minder anonimiteit en privacy, zwaardere wapens én bommen werpen. Het lijkt wel vanzelfsprekend. Nochtans is de efficiëntie en de bescherming van de bevolking ver te zoeken bij zulke maatregelen.

Waarom geen evaluatie van bestaande antiterreurwetten?

Laat ons al eens beginnen bij wat we al hebben. Die lawine van maatregelen, voorkomt die eigenlijk nieuwe aanslagen? Werken die wel? Het antwoord? Men weet het gewoon niet. Al sinds de aanslagen in New York (2001), Madrid (2004) en Londen (2005) beschikken Europese landen over een zeer uitgebreid arsenaal aan maatregelen tegen terrorisme. De Britse onderzoeker Ben Hayes, vroeger werkzaam bij The Transnational Institute en nu bij de VN-Vluchtelingenorganisatie UNCHR, telde niet minder dan 239 wetten, directieven en andere maatregelen tegen terrorisme. En hij telde alleen de maatregelen die op Europees niveau zijn getroffen sinds 12 september 2001 en dus  niet de maatregelen op het niveau van de lidstaten.

Niet alleen is dat een enorm groot aantal, zegt hij, ze werden niet of nauwelijks geëvalueerd. Van geen enkele Europese maatregel tegen terrorisme is dus vast te stellen of hij effectief werkt. En dat geldt zeker ook voor de maatregelen die op nationaal niveau werden genomen. Vaak vloeien die overigens voort uit de Europese, evenmin geëvalueerde maatregelen.

De PVDA vroeg in het Kamerdebat dan ook in de eerste plaats een audit van de bestaande maatregelen tegen terrorisme vooraleer de Kamerleden weer nieuwe maatregelen uitvaardigen en in het bijzonder vooraleer men de wetgeving op terroristische misdrijven opnieuw verruimt.

Iedereen terrorist met nieuwe definitie terrorisme

Een van de maatregelen die de regering neemt om terrorisme te bestrijden, is het begrip verruimen. Een maatregel die de vrije meningsuiting niet ten goede komt.

De bestrijding van terrorisme is niet nieuw. Bijna 40 jaar geleden, in 1977, werd in Straatsburg een Europees Verdrag gesloten dat zegt dat terroristische aanslagen het “willekeurig doden van onschuldige burgers door bommen, granaten, of vuurwapens, vliegtuigkapingen, gijzeling van en aanslagen op personen met internationale bescherming …” zijn. Kortom, een definitie die ieder met wat gezond verstand kan volgen en die volledig overeenstemt met de gruwel die IS vandaag aanricht. Het Belgisch strafwetboek bevatte toen al al het nodige om “misdaden en misdrijven tegen de inwendige en uitwendige veiligheid van de staat, waaronder verwoesting, mensenslachting of plundering” te vervolgen. Daarnaast was ook het oproepen tot geweld en haat strafbaar. Door een correcte toepassing van die wet kan het gerecht vandaag nog altijd efficiënt optreden tegen de rekrutering van jihadi’s en tegen de verspreiding van jihadistische propaganda op websites en sociale media.

Na de aanslagen van New York in 2001 wordt desondanks in vele landen een nieuwe speciale antiterreurwetgeving uitgewerkt. In ons land voegde de paarse regering van Verhofstadt II in 2004 in de Strafwet een nieuw hoofdstuk in met als opschrift “terroristische misdrijven”. Dat was niet zomaar een update of een herschikking van teksten voor meer coherentie. Neen, dat was een fundamenteel andere wetgeving die brak met het Europees Verdrag van 1977 en het klassieke strafrecht. Het probleem zit hem in de definitie van terroristisch misdrijf. Er is nog wel sprake van springtuig, kaping en gijzeling maar het nieuwe hoofdstuk nam ook vage en politieke bepalingen op in de definitie van terrorisme. Terroristisch was nu ook een daad met als oogmerk “een bevolking ernstige vrees aan te jagen”, “de overheid te dwingen tot het verrichten of het zich onthouden van een handeling”, “de basisstructuren van een land of een internationale organisatie ernstig ontwrichten”. Bovendien was niet langer alleen de effectieve uitvoering of de voorbereiding van een terroristische actie strafbaar, ook al wie van ver of dichtbij met een terroristische organisatie kon worden geassocieerd, maakte zich schuldig aan terrorisme.

Daarmee was het hek van de dam. Met zo’n rekbare en vage definitie kwamen veel mensen in het vizier die daar niet thuishoren. Politieke oppositie en sociale actie zijn met zo’n definitie al gauw terroristische activiteiten. Een algemene staking poogt toch “de overheid te dwingen tot het verrichten of onthouden van een handeling”, of niet? Overdreven of ver gezocht? Het is al gebeurd!

Misbruik van begrip terreur is geen linkse fictie maar een feit

Acties van Greenpeace werden al vervolgd op basis van de terrorismewetgeving. Een onderwijsminister van de VS noemde de leiding van de protesterende onderwijsvakbond NEA “terroristisch”. En onze eigen minister van Werk Kris Peeters nam het woord terrorisme in de mond over een actie waarbij genetisch gemanipuleerde aardappelen werden vernield. Politicoloog Bart Maddens waarschuwde zelfs dat ook een partij als de N-VA die pleit voor separatisme weggezet kan worden als een extremistische organisatie. De stap naar het etiket “terroristische organisatie” is in het huidige klimaat heel klein.

Het kan altijd gekker. Toen IJsland na de bankencrisis het geld van Britse spaarders blokkeerde, bevroor de Britse premier de tegoeden van de IJslandse banken op basis van … de terrorismewet. En nog in 2013 werd een journalist met die bestanden met informatie over klokkenluider Snowden op zak had, op de luchthaven van Heathrow aangehouden op basis van de terrorismewetgeving. Of wat gedacht van de Vlaamse regering die onlangs door een Turks ambassadeur beschuldigd werd van steun aan terroristische organisaties?

Nieuwe maatregelen hopen op

De regering-Michel-De Wever gaat nu opnieuw een stap verder. “Aanzetten” tot terrorisme was tot nog toe alleen strafbaar indien dit het risico op aanslagen effectief verhoogde. Met de nieuwe wet van de regering is dat “risico” niet meer nodig. Ook de Franse en de Luxemburgse regeringen hebben de voorwaarde van risico geschrapt. Ook het “werven om te vertrekken/verplaatsen” is voortaan strafbaar, tot nog toe gold dat enkel voor het rekruteren  voor terroristische misdrijven.

Het klinkt nochtans goed, die nieuwe maatregel van de regering. Aanzetten tot terrorisme is op zich totaal fout, risico of niet? Maar dat is de kwestie niet. De Belgische terreurwetgeving is ziek in hetzelfde bedje als de Turkse, de Britse en de Franse. En met Al Qaeda en IS heeft dit nog weinig te maken. Met het uithollen van de vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vereniging des te meer.

En de volgende stap is al gezet. De MR diende in 2015 een wetsvoorstel om ook het “verheerlijken van het terrorisme” strafbaar te stellen. Kritiek uitbrengen op de Westerse interventies in het Midden-Oosten wordt dan een mogelijk illegale actie. Idem voor solidariteit betonen met de Palestijnen in hun strijd tegen de koloniale bezetting door Israël. Met die wetgeving is de persvrijheid een lege doos. Zelfs een advocaat die een terrorist verdedigt en diens daden duidt of minimaliseert, loopt dan het gevaar vervolgd te worden …

Amnesty International: “Regering schakelt strafrecht in als preventief instrument”

Amnesty International is over het voorstel van de regering bijzonder duidelijk: “Het ontwerp perkt de vrijheid van meningsuiting in en schakelt het strafrecht in als preventief instrument”. Claude Debrulle, ere-directeur-generaal van de minister van Justitie en bestuurslid van de Ligue des Droits de l’Homme is dezelfde mening toegedaan. “Het is een aanslag op de vrije meningsuiting”, zegt hij. “Net als de Franse en de Luxemburgse regering, wijkt de Belgische meer en meer af van de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens”. En Debrulle gaat nog verder: “Men kan zich de vraag stellen of de Belgische regering met haar voortvarende beveiligingsbeleid niet in de val trapt die eerst door Al Qaeda en later door IS werd uitgezet, en of ze de jihad niet meer bevordert dan dat ze die indamt.”

Anderen, en niet de minsten, waarschuwden de regering al voor hem: in 2003 vonden hoge vertegenwoordigers van de VN-Mensenrechtencommissie ook al dat de strijd tegen het terrorisme “een groeiende bedreiging vormt voor de mensenrechten wat een vastberaden verdediging en promotie van deze rechten noodzakelijk maakt”.

Het blijft overigens niet bij waarschuwingen. In Groot-Brittannië oordeelde een beroepshof begin dit jaar in de zaak David Miranda (de journalist over wie sprake boven) dat de brede definitie van terrorisme haaks staat op de vrijheid van meningsuiting. En het Europees Hof van de Rechten van de Mens veroordeelde Hongarije omdat de antiterroristische opsporingsmethoden er door de ruime omschrijving van het begrip terrorisme tegen bijna iedereen kon gebruikt, of eerder misbruikt worden. Wacht België een veroordeling door het Hof van de Rechten van de Mens? De vraag stellen is ze beantwoorden.

PVDA: vier toetsstenen voor elke wet tegen terrorisme

De PVDA toetst maatregelen tegen terrorisme aan vier criteria: (i) ze mogen niet de gehele bevolking treffen maar moeten gericht zijn op de beperkte groep van mensen die een reële bedreiging vormen; (ii) ze moeten gebaseerd zijn op een evaluatie van de bestaande wetgeving die al ruime mogelijkheden biedt om terrorisme op te sporen en hard aan te pakken; (iii) ze moeten blijk geven van een globale aanpak met niet alleen een strafrechtelijk maar ook een preventief en een sociaal beleid dat ook de oorzaken aanpakt; (iv) de maatregelen moeten de scheiding der machten en de mensenrechten respecteren.

Net zoals vele eerdere maatregelen doorstaat de nieuwe wet van de regering die toets niet. Het is verbazingwekkend hoe regeringsleiders in hun veroordelingen van de terroristische aanslagen de mond vol hebben over aanvallen op “onze manier van leven” en “aanvallen op de democratie, maar ondertussen in zeven haasten zelf een bom leggen onder de zwaar bevochten democratische rechten en vrijheden. Wil België de toer op van Frankrijk en van Turkije die en passant hebben medegedeeld dat ze zich niet langer houden aan het Verdrag voor de Rechten en de Vrijheden van de Mens?

Moest dat echt in vakantietijd?

Mensenrechtenorganisaties Amnesty International en de Ligue des Droit de l’Homme  maken snoeiharde kritiek op de inhoud van de regeringsvoorstellen, maar ook op de timing. “De regering heeft maanden gewerkt aan de ontwerpen en zet nu het parlement buitenspel door te vragen dat ze in amper twee weken besproken en gestemd worden. De spoedbehandeling is totaal ongepast.” AI riep de parlementsleden op zich te bezinnen en de voorstellen niet overhaast nog voor het zomerreces te bespreken. PVDA, PS en Ecolo/Groen maakten daarover eveneens hun beklag maar de regering had er geen oren naar.

Met spoedbehandeling werd de terrorismewet goedgekeurd op 20 juli, de laatste zitting van de Kamer voor de parlementsleden hun koffers pakten. De oppositiepartijen PVDA, PS, Ecolo/Groen en Défi stemden tegen, de meerderheidspartijen N-VA, MR, CD&V en Open Vld uiteraard voor. En ook sp.a, cdH, VB en PP deden dat.

 

Lees hier de resolutie “voor een effectieve en democratische strijd tegen terrorisme” die de PVDA indiende in de Kamer

Commentaar toevoegen