Sonja Welvaert, ambtenaar ministerie van Financiën, 2de plaats Kamer, Oost-Vlaanderen

"Toen de notionele interesten werden ingevoerd kwamen boekhouders ons vragen of het echt wel klopte wat ze mochten invullen op de aangiftes. Ze konden het zelf nauwelijks geloven"

“Ik werk op de FOD Financiën op een ontvangkantoor dat ervoor moet zorgen dat de mensen hun personenbelastingen werkelijk betalen. Ik stel vooral de afbetalingsplannen op. Sommigen hebben al een deurwaarder aan de deur gehad…

Er zijn steeds meer mensen die hun belastingen moeten betalen met een afbetalingsplan, steeds meer mensen hebben te maken met loonbeslag… Vorige week raakte ik nog in gesprek met een collega die de inkomende telefoons op de belastingdienst voor zijn rekening neemt. Hij kreeg een man aan de lijn die zijn belastingen nipt te laat had betaald en daarvoor tien euro interest moest bijbetalen. Die man was woedend dat die paar dagen dat hij te laat was hem tien euro kostten, terwijl er zovelen zijn die niks betalen. Steeds meer mensen beginnen te beseffen dat de grote bedrijven weinig belastingen betalen en zijn dan ook erg boos als ze een aanmaning krijgen.

Wat ik het ergst vind, is dat de progressiviteit van de belastingen de laatste decennia zo verminderd is. Een klein inkomen wordt snel belast en tegen een veel te hoog tarief. Het minimumtarief voor de laagste lonen is 25%. Als die mensen belastingen moeten bijbetalen – als hun werkgever dus onvoldoende bedrijfsvoorheffing op voorhand heeft ingehouden – dan is dat dikwijls dodelijk voor die mensen. Soms schrik ik zelf als ik op het aanslagbiljet zie hoe weinig iemand verdient, terwijl ie toch nog eens duizend euro belasting moet opleggen.

En ondertussen worden de grote bedrijven quasi niet belast. Veel van mijn collega’s zijn daar alles behalve gelukkig mee. De wet biedt veel mogelijkheden om fiscale aftrekposten in te brengen. De notionele-interestaftrek is daarvan de bekendste, natuurlijk. Op het moment dat die werd ingevoerd in 2006, kwamen boekhouders langs op de diensten van de vennootschapscontroles om te vragen of het echt wel klopte wat ze mochten invullen op de aangiftes. Ze konden het zelf nauwelijks geloven.

De notionele-interestaftrek is ondertussen opgelopen tot 6,2 miljard. Toen de maatregel werd ingevoerd, zou het maar een 500 miljoen euro kosten… De top 1000 van de meest winstgevende bedrijven betaalt gemiddeld slechts 6% belastingen.

Het aandeel van de bedrijven in de totale belastinginkomsten van de staat is zeer klein in vergelijking met het aandeel van de werkende mensen. De staat krijgt 182 miljard euro binnen. Daarvan komt 75% van de personenbelasting, btw en sociale bijdragen. Via de vennootschapsbelasting komt maar 6% binnen van de bedrijven. Een wanverhouding. Het kan niet meer zijn dat bedrijven geen belastingen betalen. Dat is de grootste oneerlijkheid.

En er moeten vooral meer belastingambtenaren komen. Ze vloeien aan een snel tempo af. Als iemand vertrekt, gebeurt het vaak dat die persoon zijn werk verdeelt wordt over de resterende collega’s. Goeie belastingcontroles worden zo steeds moeilijker, natuurlijk. De komende vijf jaar verdwijnen 6.000 van de 22.000 ambtenaren bij Financiën. Men is nog altijd niet van plan die te vervangen. Nochtans brengen belastingambtenaren veel geld op. Er is heel veel werk. We zouden graag opnieuw alle dossiers bekijken en controleren.”