Een delegatie van de PVDA, met woordvoerder Tom De Meester, aan het piket van de gevangenis aan de Nieuwe Wandeling in Gent. (Foto Solidair, Pol Ronse)

Staking cipiers: “Mensen opvorderen heeft niets meer te maken met sociaal overleg”

De regering wil het mogelijk maken dat cipiers in geval van staking worden opgevorderd. Daarbij wordt geschermd met de basisrechten van gevangenen. Volgens advocaat en professor arbeidsrecht Jan Buelens probeert minister van Justitie Koen Geens opnieuw het stakingsrecht aan te vallen. “Wat de regering nu doet is de rechten van zowel cipiers als gedetineerden verminderen. En met dezelfde argumenten die nu tegen de cipiers gebruikt worden, zullen ook andere beroepsgroepen aangepakt worden.” 

Wat vindt u van het voorstel van de regering rond de minimale dienstverlening bij stakingen in de gevangenissen?

Jan Buelens. Ik vind vooral het opvorderen van cipiers door de gouverneur problematisch. De gevangenisdirecteur, de minister en de gouverneur maken allen deel uit van de uitvoerende macht. Die laatste gaat nu rechter en partij spelen in een sociaal conflict.

Men moet goed beseffen dat er in de openbare diensten eigenlijk al geen afdwingbare collectieve overeenkomsten bestaan. Een minister kan afspraken gewoon naast zich neerleggen. Het gevangenispersoneel heeft het nu al moeilijk om betere werkomstandigheden te bekomen. Met opvordering door de gouverneur achter de hand, zal de minister geen enkele noodzaak meer voelen om te luisteren. Het zal een zware stempel drukken op het sociaal overleg. Het verhaal van opvorderingen raakt echt aan de essentie van sociaal overleg en vakbond. Het principieel invoeren van opvorderingen betekent een ernstige beperking van het stakingsrecht.

Met opvordering achter de hand, zal de minister geen enkele noodzaak meer voelen om te luisteren naar het gevangenispersoneel

Je ziet ook dat mensen dan verplicht worden om individuele oplossingen te zoeken. Stakingsrecht ga je niet meer collectief kunnen uitoefenen via piketten. Het wordt een soort van individuele guerrilla tegenover de politie die je komt opvorderen bij je thuis: proberen te verdwijnen, ziek melden, met het risico op individuele sancties. Of je zal werkonwilligen krijgen die tegen hun zin moeten gaan werken, met alle frustraties en gevolgen van dien.

Eigenlijk kom je in de feiten tot een uitholling van het stakingsrecht en het recht op collectieve onderhandelingen. Dat zijn grondwettelijke rechten, vastgelegd in internationale verdragen.

Minister Geens benadrukte nochtans dat hij helemaal geen aantasting van het stakingsrecht voor de cipiers wenst. Hij zegt: “Geen zinnig mens kan zich verzetten dat wij hun stakingsrecht proberen te verzoenen met de basisrechten van gedetineerden.”

Jan Buelens. Men gaat de rechten van werknemers tegenover de rechten van gedetineerden plaatsen. De regering moet die rechten respecteren, net zoals ze het stakingsrecht moet respecteren. Ze kan de twee niet tegenover stellen, want wat zij nu doet is de rechten van beide groepen verminderen.

De overheid heeft inderdaad een belangrijke verantwoordelijkheid en verplichting om de mensenrechten van gedetineerden te respecteren. Het is daarvoor dat België berispt werd door het antifoltercomité. Eigenlijk schuift de regering haar verantwoordelijkheid compleet van zich af. Ze zorgt niet voor propere, menswaardige gevangenissen.

Het principieel invoeren van opvorderingen betekent een ernstige beperking van het stakingsrecht

Ook in andere sectoren klinkt het altijd dat men het stakingsrecht niet aanvalt, maar het wil verzoenen met andere rechten. Bijvoorbeeld in de openbare diensten. Daar wordt verwezen naar de rechten van de gebruiker, de burger die zijn loket gesloten ziet, de burger die zijn post niet in de bus krijgt, of zijn trein niet kan nemen. En in dit geval, de gedetineerde die geen cipier meer ziet om bepaalde rechten te kunnen uitoefenen. Het idee van het stakingsrecht is net dat dit impact heeft op de rechten van anderen, in de privésector natuurlijk ten aanzien van de werkgever, zijn eigendomsrecht, het feit dat hij niet zomaar mensen kan aannemen om de staking te breken.

De regering brengt nog een ander argument aan. Hebben cipiers geen essentiële functie? Zij oefenen aan de ene kant een gezagsfunctie uit en aan andere kant een zorgfunctie. Zowel werknemers bij politie als ziekenhuizen kennen een beperking van het stakingsrecht.

Jan Buelens. Het klopt dat het stakingsrecht soms voor bepaalde groepen wordt beperkt, bijvoorbeeld het leger en de politie. Die beperkingen worden heel duidelijk afgelijnd. Men moet bijvoorbeeld aantonen dat het onmogelijk is om die diensten verzekeren door andere personen. In dit geval gaat die redenering niet op. Er bestaat al jaar en dag een oplossing voor stakende cipiers: ze worden vervangen door de politie en de civiele bescherming.

Vanuit de politie, staat men niet te springen om in te vallen bij stakingen in gevangenissen. Want wat zie je, zij worden ook geconfronteerd met besparingen of ze moeten zich concentreren op bijvoorbeeld terrorismebestrijding. Heel wat andere zaken kunnen ze niet meer doen. En dan vooral de dienstverlening aan de burger, wijkkantoren, etc. Maar ook andere functies, namelijk in het geval van eventuele gevangenisstaking, de dienstverlening te verlenen.

Wat de regering nu doet is de rechten van zowel cipiers als gedetineerden verminderen

Het feit dat de politie kan inspringen voor cipiers, is ook het grote verschil met de minimumbezetting in ziekenhuizen of de petroleumindustrie. Daar is het niet zo evident om die taken aan anderen over te laten. Dan staan er levens op het spel. Als er een systeem van vervanging door anderen mogelijk is bij essentiële diensten, dan moet men dat ook doen, zodat men tegelijkertijd het stakingsrecht kan garanderen.

Op de achtergrond van deze discussie over opvorderen van cipiers, speelt de herinnering aan de zware staking in Wallonië in 2016. Niemand wil dat nog eens meemaken. Misschien moet men toch een optie hebben om op te vorderen in hoogste nood?

Jan Buelens. Natuurlijk is niemand tevreden wanneer men zolang moet staken. Maar men neemt hier een extreem voorbeeld om alles te kunnen beperken. Men moet in dit concreet geval eerst onderzoeken hoe het zo erg is kunnen worden, waarom de vervanging door politie en de civiele bescherming tekortschoot, vooraleer je overgaat tot drastische beperking van rechten. En vanaf dat je de gouverneur aan de onderhandelingstafel laat zitten, zit je in het verhaal van opvorderen. Dat heeft niets meer te maken met sociaal overleg.

Er bestaat al jaar en dag een oplossing voor stakende cipiers: ze worden vervangen door de politie en de civiele bescherming

Hoe komt het dat er zoveel te doen is rond het stakingsrecht? Deze week de cipiers, eind juni de eerste spoorstaking onder minimale dienstverlening, de uitspraak in het proces van syndicalisten uit de petrochemie.

Jan Buelens. We zitten op een hellend vlak. Dit voorstel voor minimale dienstverlening bij de cipiers gaat nog veel verder dan bij het spoor. Hier wordt een stakingsaanzegging gevraagd van dertig dagen, bij de NMBS is het nog acht dagen. Hier wordt de stap gezet waarbij men niet alleen een dienst gaat verzekeren met vrijwilligers, maar ook mensen effectief gaat verplichten. Net zoals bij de NMBS wil men hier een voet door de deur steken, om dan uit te breiden naar andere diensten. Men gaat het dan hebben over andere essentiële diensten bij het openbaar vervoer, de post, de luchthaven, de havens.

Er is dus een georkestreerde beweging bezig tegen het volledige stakingsrecht. Langs verschillende kanten. Op de achtergrond speelt ook zeker mee dat in de privé een nieuw herenakkoord rond stakingen op de agenda staat.

Je kan met allerlei argumenten pleiten tegen deze wet, maar wat haalt het uit? Uiteindelijk beslist de regering toch.

Jan Buelens. Het is inderdaad niet gemakkelijk om deze regering van koers te doen veranderen. Geens kennen we als iemand die veel gesprekken organiseert, maar nooit luistert. Magistraten, advocaten hebben dat ook vastgesteld. Hij drijft gewoon zijn eigen zin door.

De regering doet niets aan de rechten van gevangenen, en nu ineens worden die rechten allerbelangrijkst als ze kunnen gebruikt worden om de rechten van de stakers af te bouwen

Toch vind ik dat het gevangenispersoneel een sterke zaak heeft om zijn stakingsrecht te verdedigen, als ze het verhaal van de regering kunnen doorprikken. De argumenten van de regering zijn namelijk ongelooflijk hypocriet. Neem die publieke vermaning van het antifoltercomité van de Raad van Europa. België werd al veroordeeld om de opvang van vluchtelingen, gebrek aan plaatsen voor mensen met een beperking, dwangsommen bij stakingen. Dat legt men gewoon aan de kant. Dit zou nu ineens het enige van de Raad van Europa zijn dat waarde heeft. Bovendien spreekt het rapport van het antifoltercomité zich nergens uit over de noodzaak van opvorderingen.

Je moet vaststellen dat de opeenvolgende regeringen nooit iets gedaan hebben aan een humaan gevangenisbeleid. Die gebouwen zijn in deplorabele staat, zowel voor de gevangenen als voor de werknemers. Ze doen niets aan de rechten van gevangenen, en nu ineens worden die rechten allerbelangrijkst als ze kunnen gebruikt worden om de rechten van de stakers af te bouwen. Er zullen gevangenen blij zijn dat er een minimale dienstverlening komt, maar gaat dat op termijn hun situatie verbeteren? Integendeel, er is geen enkele aansporing dat de rechten van de gedetineerden beter zullen verzekerd worden.

Daarnaast is het bewustzijn dat dit een interprofessionele kwestie is van groot belang. Het stakingsrecht is ontstaan als een verhaal van onderlinge solidariteit. Het gaat hier niet om het regelen van een cao over een aanzeggingsmodaliteit bij het aangaan van sociaal overleg. Het gaat hier over het aanvaarden dat de uitvoerende macht tussenkomt om op te vorderen. En met dezelfde argumenten die nu tegen de cipiers gebruikt worden, zullen ook andere beroepsgroepen aangepakt worden.