Foto EuropeanPeoplesParty / Flickr.

In volle vakantie holt Peeters de 38-urenweek uit

Minister van Werk Kris Peeters kwam in juli – in volle vakantietijd – met een voorstel naar buiten over “werkbaar en wendbaar werk”. Als zijn voorstel ooit kracht van wet krijgt, wordt de 38-urenweek een lege doos.

Het leven van werkende mensen herleid tot “te hoge kosten”

De wet-Peeters levert niets goeds op voor de werkende bevolking. De minister verwoordt zelf heel duidelijk wat hij wil bereiken: “De productie, omzet en winstmarge moeten omhoog, de kosten omlaag.” Met andere woorden, alleen de winstmarges die bedrijven aan hun aandeelhouders aanbieden, zijn de leidraad voor zijn voorstel. Het leven van de werknemers is dan alleen nog een kost die moet dalen. Op vraag van de werkgeversorganisaties paste minister Peeters zijn voorstel nog aan, zodat het nog meer tegemoetkomt aan wat de bedrijven vragen, zo legde hij zelf uit in Humo (26 juli 2016). 

Slecht voor het sociaal en gezinsleven

De minister bevestigt opnieuw dat hij de arbeidsduur wil annualiseren (berekenen op jaarbasis), met een werkweek die kan oplopen tot 45 uur en een werkdag tot 9 uur. De uurroosters – bijvoorbeeld week 1 van 45 uur en week 2 van 31 uur – moeten nu nog minstens zeven dagen op voorhand worden aangekondigd, maar volgens de nieuwe wet kan die termijn teruggebracht worden tot 24 uur.

De minister zegt dat de “kennisgevingstermijn het voor de werknemer mogelijk maakt zijn beroeps- en privéleven op aanvaardbare wijze te combineren”. Het lijken mooi woorden, maar de realiteit is een pak minder fraai. De werknemers moeten zich op zeven dagen of zelfs 24 uur kunnen aanpassen. Ga je regelmatig sporten? Vergeet het. De kinderen op een vaste weekdag gaan halen? Vergeet het. Die flexibiliteit maakt het de werknemers onmogelijk plannen te maken in hun privé-, sociaal en gezinsleven. 

100 overuren

De minister bevestigt ook dat de werkgever een werknemer 100 overuren kan laten presteren – zonder recuperatie, in de context van een individueel akkoord en zonder enige collectieve controle. De werknemer moet om die recuperatie vragen. Kris Peeters, die carrière maakte als topman van zelfstandigenorganisatie Unizo, weet perfect dat een werknemer die alleen staat tegenover zijn werkgever, moeilijk ‘neen’ kan zeggen. En in tegenstelling tot wat de minister beweert, kunnen die 100 overuren snel een terugkeer naar de 40-urenweek of de invoering van twaalf extra arbeidsdagen per jaar betekenen. Om de volledige omvang van zijn voorontwerp aan te tonen, zag de minister zich verplicht in zijn tekst een Europese richtlijn op te nemen. Die bepaalt dat je niet langer dan vier maanden per jaar 48 uur per week mag werken.

Iedere sterke gemeenschappelijke norm afzwakken

De minister wil diepgaand hervormen. Met zijn wetsontwerp wil hij alle normen afzwakken en een hele reeks bepalingen laten “onderhandelen in de sectoren”. Hij denkt in dezelfde richting als de Europese Unie die eist dat België de collectieve onderhandelingen zoveel mogelijk decentraliseert. Vandaag worden de gemeenschappelijke normen immers centraal vastgelegd, meestal nadat de hele werkende bevolking daarvoor in actie is gekomen. Door de onderhandelingen te decentraliseren – zogezegd omdat men in de sectoren en bedrijven gemakkelijker een gemeenschappelijk belang vindt dan op interprofessioneel niveau – wil de regering de grootste kracht van de werkende mensen verzwakken: hun aantal en de interprofessionele solidariteit.

Wet-Peeters, nee bedankt

De minister zegt dat hij de tekst van zijn voorstel publiek heeft gemaakt om een einde te maken aan wat hij de desinformatiecampagne over de wet-Peeters noemt. Maar de publicatie van die tekst bevestigt duidelijk dat de vele duizenden loontrekkenden die op 24 mei 2016 betoogden en de meer dan 20.000 ondertekenaars van de petitie “Wet-Peeters, Nee bedankt” (www.loipeeterswet.be) het bij het rechte eind hebben. Daarom is de eerste afspraak van het nieuwe sociaal jaar, de nationale betoging van het gemeenschappelijk vakbondsfront op 29 september, enorm belangrijk.

Kabinet kibbelt om essentie te realiseren

Kamerlid Egbert Lachaert (Open Vld) haalde nog tijdens de vakantie fors uit naar de wet-Peeters. Hij is er niet over te spreken en vraagt dat Kris Peeters “met een wit blad” helemaal opnieuw begint. Hij wil vooral de lijst van beroepen waarvoor de arbeidsduur op bijna geen enkele manier is geregeld, uitbreiden en de andere sectoren niet op stang jagen, want daar is nu al veel beroering. Kortom, het leven totaal onleefbaar maken voor de werkende mensen van de sectoren die moeilijk in staking kunnen gaan en het sociaal verzet in de meer strijdbare sectoren vermijden. De werkgevers willen de twee: een uitbreiding van die lijst en tegelijk een globale hervorming in de zin van de wet-Peeters.
En eens te meer organiseert de regering zich om een rookgordijn op te trekken. Ze kibbelt in de kranten en lanceert een debat over rechtse ideeën. Zodat de minister van Werk en zijn partij – de CD&V – zich nadien kunnen opwerpen als “het sociale gelaat”, terwijl ze in werkelijkheid een sociale achteruitgang op grote schaal organiseren.

 

Dit artikel komt uit het maandblad Solidair van september 2016Abonnement.