Foto Solidair, Antonio Gomez Garcia

Waarom de indexsprong geen 33.000 banen zal creëren

De Nationale Bank van België (NBB) bevestigt in een studie dat de indexsprong 33.000 nieuwe jobs zal opleveren. En, dankzij de vermindering van de patronale sociale bijdragen van meer dan 900 miljoen in 2016, spreekt de NBB van 19.000 nieuwe banen. Is dit allemaal wel waar? Een analyse.

Wat zijn de argumenten van de NBB voor zulke voorspellingen?

De NBB bevestigt dat de indexsprong en de vermindering van de patronale sociale bijdragen de loonkosten zullen doen dalen. Op dit punt heeft de NBB volledig gelijk. Op basis van deze vaststelling, trekt ze twee conclusies:

1. het zal aanwervingen vergemakkelijken (en dus werk creëren);

2. het zal de productprijzen doen dalen. Een daling van de productprijs zal de vraag naar producten (zowel in België – stijging van de binnenlandse vraag - als in het buitenland – stijging van de export) doen toenemen. Dit zou de werkgelegenheid verhogen.

De NBB noteert slechts één negatief effect van de indexsprong: het beschikbare inkomen van de gezinnen zal dalen met 1% met als gevolg een daling van 0.4% van de private consumptie.

De ‘vergeetachtigheden’ die tot foute conclusies leiden

De NBB “vergeet” echter in haar studie een reeks parameters die leiden tot foute conclusies inzake het creëren van banen.

1) In haar berekeningen vermeldt de NBB het verlies aan jobs in de openbare sector niet, die veroorzaakt worden door de besparingspolitiek. En deze besparingspolitiek wordt gerechtvaardigd door een overheidsschuld die onder andere ontstond door de vermindering van de patronale sociale bijdragen en indirect door de indexsprong zelf. De Europese commissie zelf verklaarde in juli jongstleden dat de groei in werkgelegenheid in de privésector voor een groot deel zal tenietgedaan worden door het schrappen van banen in de openbare sector (European commission, European Economic Forcast, autumn 2014). Met als gevolg dat de vooruitzichten op het werkloosheidscijfer niet beduidend zullen dalen voor de komende jaren. Het Planbureau schatte in juli jongstleden dat indien België het Europese traject wil volgen, het nog 47.000 banen zal moeten schrappen.

2) Vervolgens, in haar vooruitzichten op de export, doet de NBB alsof elders alles hetzelfde is. Niets is minder waar. De Duitse economie stagneert, verschillende europese landen geraken niet meer aan hun productieniveau van voor 2008. Waarom? Omdat zowat alle Europese landen dezelfde besparingspolitiek op de loonmatiging toepassen. Met als gevolg dat de opbrengsten door concurrentie zeer tijdelijk zijn (aangezien de andere landen hetzelfde traject volgen) en dat de vraag meer en meer opdroogt. Zoals de IAO (Internationale Arbeidsorganisatie) reeds in 2012 uitlegde: “Een strategie die gebaseerd is op de vermindering van de arbeidskosten per eenheid – een frequent geformuleerde aanbeveling voor de landen in crisis - kan leiden tot een ‘wedren naar beneden’ op het vlak van het aandeel van de lonen en zo de globale vraag verminderen[1]”. En het is in deze neerwaartse spiraal dat Europa zich vandaag stort.

3) Het besluit dat de NBB trekt uit het feit dat de verlaging van de salarissen zal zorgen voor een daling van de prijzen is gevaarlijk. Het meest waarschijnlijke gevolg van een verlaging van de salarissen is ... een stijging van de winsten – die de overheid zelf gebudgetteerd heeft door de inkomsten vanuit belastingen op de winsten van de bedrijven te verhogen. De wetten die de prijzen reguleren – en dan vooral op de internationale markt – zijn niet op de eerste plaats afhankelijk van de grootte van de salarissen (maar wel van vraag en aanbod). De indexsprong en de vermindering van de patronale bijdragen zullen vooral een transfer inhouden van Arbeid naar Kapitaal zonder enige garantie op het creëren van jobs of een daling van de prijzen.

4) Bijna 4 miljard uitgeven (geschatte kost van de indexsprong en van de vermindering van de patronale sociale bijdragen) met de hoop 52.000 banen te creëren zal duur betaald worden. In het beste geval komt dit overeen met een eenheidskost van 75.000 euro per creëerde job. Indien we rekening houden met het feit dat een job in de openbare sector gemiddeld de 25.000 euro niet overstijgt, kunnen we afleiden dat met dezelfde som geld 150.000 jobs gecreëerd zouden kunnen worden.

[1]. Samenvatting van het rapport over lonen, IAO, december 2012